archieftoegang 31375, inventarisnummer 502, pagina 34
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
Volgn. 24 4 Art. 6 De in art. 5 bedoelde personen zijn verplicht: het in art. 5 bedoelde register, alvorens het in gebruik te nemen, te doen waarmerken door de chef van de betreffende groep van de Recherche- dienst aan het Hoofdbureau van Politie; in elke ruimte, waar het bedrijf wordt uitgeoefend, bij voortduring een gewaarmerkt register aanwezig te hebben, en, in geval het bedrijf wordt uitgeoefend op of aan de openbare weg, een zodanig register bij zich te hebben; elk in gebruik zijnd register telkens op de eerste vordering aan de onder a bedoelde chef ter onderzoek af te staan; het register, alvorens het buiten gebruik wordt gesteld, aan de onder a bedoelde chef ter aftekening aan te bieden; de door hen bijgehouden registers te bewaren over een tijdvak van zes maanden, nadat die registers buiten gebruik zijn gesteld. Art. 7 De in art. 5 genoemde personen zijn voorts verplicht: voor zover zij van het opkopen een beroep of gewoonte maken, vóór aan het vaartuig, de tent of de kraam, waarin het bedrijf wordt uitgeoefend, of aan de voorzijde van het voertuig, met behulp waarvan het bedrijf wordt uitgeoefend, een bord aan te brengen van een door Burgemeester en Wet- houders vastgesteld model, waarop vermeld staan hun namen en voorletters, een opsomming van de goederen, welke door hen worden gekocht, het woord ‚„„opkoper”’, benevens een door Burgemeester en Wethouders aan te geven nummer, een en ander op zodanige wijze, dat het van de openbare weg af duidelijk leesbaar is; wanneer zij hebben opgehouden van het opkopen een beroep of gewoonte te maken, resp. het beroep van opkoper niet langer uitoefenen, hiervan onverwijld kennis te geven aan de chef van de betreffende groep van de Recherchedienst aan het Hoofdbureau van Politie; in elke ruimte, waarin zij hun bedrijf uitoefenen, op duidelijk zichtbare wijze opgehangen te hebben een uittreksel uit de Wet van 7 juni 1919 (S 311), benevens uit deze verordening, van de inhoud en volgens het model, door Burgemeester en Wethouders vastgesteld ; de door hen gekochte, ingeruilde, als geschenk aangenomen of in pand, gebruik of bewaring genomen goederen, voor zover dit met het oog op de aard der goederen naar het oordeel der Politie mogelijk is, te voorzien van een nummer, overeenkomende met het nummer, waaronder die goederen in het in art. 5 bedoelde doorlopend register zijn opgenomen, 5 Gemeenteblad afd. 3 rechthebbende verloren is gegaan, hiervan onverwijld kennis te geven aan de chef van de betreffende groep van de Recherchedienst aan het Hoofd- bureau van Politie. Art. 8 Het is aan de in art. 5 genoemde personen verboden, op te kopen of enige andere handeling ter uitoefening van het opkopersbedrijf te verrichten tussen 19 uur en 7.30 uur. Art. 9 |. Het is verboden, met gedrukte of geschreven stukken of afbeeldingen te venten: a in de onmiddellijke nabijheid van tram- of bushalten; b met gebruikmaking van geraasmakende middelen of van enig muziek- instrument; met luider stem op zondag, de nieuwjaarsdag, de tweede paasdag, de Hemel- vaartsdag, de tweede pinksterdag en de beide kerstdagen vóór 10 uur, benevens op genoemde dagen in de nabijheid van kerken of voor gods- dienstige bijeenkomsten bestemde gebouwen, met luider stem in de nabijheid van schoolgebouwen gedurende de uren, dat daarin onderwijs gegeven wordt, of in de nabijheid van ziekenhuizen; met luider stem op door Burgemeester en Wethouders bij openbare kennis- geving aangewezen openbare wegen; op door Burgemeester en Wethouders bij openbare kennisgeving aangewezen openbare wegen. 2. Het in het eerste lid onder 2 vervatte verbod is niet van toepassing op het venten met nieuwsbladen of tijdschriften. 3. Burgemeester en Wethouders zijn bevoegd, de in het eerste lid onder e en f vervatte verboden tot bepaalde uren te beperken. Art. 10 1. Hij, die handelt in strijd met of niet nakomt de voorwaarden, ver- bonden aan een vergunning, hem overeenkomstig deze verordening verleend, wordt geacht te hebben gehandeld zonder vergunning. Art. 11 I. Onder openbare wegen worden in deze verordening verstaan wegen, met de in of op die wegen liggende bruggen, stoepen en kelderingangen, met de bij die wegen behorende bermen en zijkanten, gangen en stegen en met de aan die wegen grenzende steigers en portieken, die, zij het ook met enige beperking, voor een ieder toegankelijk zijn. de goederen, welke zij in verband met de uitoefening van hun bedrijf voorhanden hebben, op de eerste vordering te vertonen aan de door Burgemeester en Wethouders aangewezen ambtenaren der Gemeente- politie; 2. Onder handelen wordt in dit artikel verstaan zowel doen, als hebben en nalaten. Onder openbaar water wordt verstaan water, hetwelk, zij het ook met enige beperking, voor een ieder toegankelijk of door een ieder bevaarbaar is, ook al indien zij in de gelegenheid zijn, enig goed op te kopen, waarvan redelijker- wijze kan worden aangenomen, dat het van misdrijf afkomstig is of voor de 3. Hij, die krachtens een vergunning, hem overeenkomstig deze verorde- ning verleend, iets doet, heeft of nalaat, is verplicht, die vergunning aan de personen, belast met de opsporing van overtreding der bepaling tot afwijking waarvan hem vergunning is verleend, op hun eerste aanvraag ter inzage af te geven.
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 502, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 3, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/