archieftoegang 31375, inventarisnummer 502, pagina 115
Gebruik tekstcoördinaten
Transcriptie
Volgn. 92 2 3. Een lid, dat ter vervulling van een andere dan tengevolge van een periodieke aftreding opengevallen plaats is benoemd, treedt af op het tijdstip, waarop degene, in wiens plaats hij is benoemd, moest aftreden. Van de taak. Art. 3 Van de werkwijze. Art. 4 De raad stelt een huishoudelijk reglement vast, dat de goedkeuring van Burgemeester en Wethouders behoeft. Art. 5 1. De raad kan zich in secties verdelen en voor telkens terugkerende werk- zaamheden vaste commissies uit zijn midden benoemen. 2. Het dagelijks bestuur kan commissies voor bijzondere werkzaamheden instellen. 3. De in het eerste en het tweede lid van dit artikel bedoelde commissies kunnen zich de bijstand verzekeren van niet-leden van de raad. 4. De raad is bevoegd, personen, geen lid van de raad zijnde, of organi- saties, welke niet in de raad zijn vertegenwoordigd, uit te nodigen, aan zijn beraadslagingen deel te nemen. Art. 6 1. Het dagelijks bestuur van de raad bestaat uit: de Wethouder voor de Publieke Werken, tevens belast met het voor- zitterschap; de chef van de Afdeling Publieke Werken der Gemeentesecretarie, tevens secretaris; drie leden, waarvan een vice-voorzitter, door de raad uit zijn midden te 3 Gemeenteblad afd. 3 Art. 7 De raad dient ieder jaar een verslag van zijn werkzaamheden in bij de Gemeenteraad. ; III Burgemeester en Wethouders uit te nodigen, een voordracht, welke kan leiden tot benoeming van de niet-ambtshalve zitting hebbende leden van de Amsterdamse Raad voor de Stedebouw, bij de Gemeenteraad in tedienen. Burgemeester en Wethouders voornoemd, A. de Roos, Weth. de Secretaris, G. C. Spruijt Verschenen 28 mei 1957, l. De raad heeft tot taak de behandeling, op verzoek van het Gemeente- bestuur of eigener beweging, van belangrijke stedebouwkundige aangelegen- heden, in dier voege, dat enerzijds aan het Gemeentebestuur en zijn organen een uit een onderlinge gedachtenwisseling resulterend inzicht wordt verschaft in de denkbeelden te dezer zake, welke onder de belangstellende burgerij leven en anderzijds de dienaangaande bij de Gemeente bestaande denkbeelden worden getoetst aan de bij de belangstellende burgerij heersende meningen. kiezen. 2. De raad zal het Gemeentebestuur desgevraagd in belangrijke aange- legenheden, de stedebouw betreffende, adviseren. Desgewenst kan hij eigener beweging omtrent zodanige aangelegenheden het Gemeentebestuur van advies dienen. 2. In het huishoudelijk reglement wordt het aftreden van de drie leden van het dagelijks bestuur, bedoeld in lid 1, geregeld. 3. De voorzitter roept de raad bijeen, telkens wanneer hij dit nodig acht, doch ten minste eenmaal in de drie maanden.
Bronvermelding
Stadsarchief Amsterdam, archieftoegang 31375, Archief van de Gemeente Amsterdam: Gemeenteblad, inventarisnummer 502, Gemeentebladen, Gemeenteblad over de jaren 1950 t/m 1999, 1957, afdeling 3, 1957
Klik op de afbeelding om het te vergroten en de transcriptie ernaast te zien
Kunstmatige intelligentie
De transcriptie is door de computer gemaakt via automatische handschriftherkenning. De samenvatting wordt door de computer gemaakt op basis van een taalmodel. Beide bewerkingen zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/