Transcripties » Recent gemaakte samenvattingen van historische documenten

Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via handschriftherkenning tot stand gekomen transcripties een samenvatting laten maken.
Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond.


23 januari 1730 werd er vanuit Ceylon een processie gehouden. Deze bestond uit:

  1. Vaandrig Jan Pieter Cloff
  2. De schensagie Rassen met een lijst van personen, allemaal gekleed in wit linnen
  3. 2 bijzondere zwarte paarden, één met een kostbaar paars fluwelen kleed en één met een groen laken kleed, beide met een bos witte veren op hun hoofd
  4. Een groep tamboerslagers, heros en hoornblazers
  5. Een trompetter en een slagwerker, beide te paard, gevolgd door de ruiterij bestaande uit 6 gelederen penisten. De eerste 3 gelederen droegen rode en de laatste 3 droegen blauwe rokken met zwarte dassen, onder leiding van ritmeester de edele Iodocus Wilhelmi Hiltebrand
  6. De keizerlijke brief onder een wit baldakijn, opgehouden door 4 appoehamijs en een zilveren schotel bedekt met een gouden laken kleed. Deze werd op het hoofd gedragen door een sergeant, vergezeld van nog 2 andere sergeanten die elkaar onderweg aflosten. Daarnaast liepen 4 inlanders met brandende fakkels
  7. Een compagnie soldaten, aangevoerd door de commanderende sergeant Carel Andriesz
  8. Lascorijns
  9. 2 trompetters te paard
  10. Zijn edeles oppassers voor en achter de eerste draagstoel
Bekijk transcriptie 


23 januari 1730 vertrok vanuit Ceylon de patot en Gualterus t' Lam met een groot geschenk voor de keizer van Ceylon in Candia, Weerapara Kramia Nax. Dit was een driesinga (een type schip of voertuig). Volgens het besluit dat was genomen in de raad van politie op 27 september van het jaar ervoor en dat bij de secretarie werd bewaard, werden volgens oud gebruik de doorgangen versierd met praalzuchtige bogen. Deze liepen van de woning van de heer gouverneur tot aan de Delftse Poort en verder bij de wachtposten Zwaanenburg en Kaaijmanspoort. Bij deze poorten stond het leger opgesteld in een dubbele rij. Om half 9 's ochtends begon de mars als volgt:

  1. Eerst marcheerde de inlandse garde van de gouverneur en die van de dessave (een bestuursfunctionaris), samen met nog enkele andere groepen soldaten met hun hoofden, met wapperende vlaggen en slaande trommels.
  2. Daarna de lijfcompagnie van de gouverneur, bestaande uit handgranaten-werpers, aangevoerd door luitenant Ioan Willhem Snere. De tweede divisie werd aangevoerd door de commanderende sergeant Casper Stijger met ontvouwde vlag, en de troep werd afgesloten door vaandrig Hermanus Ladenius.
  3. Een compagnie soldaten aangevoerd door de...
Bekijk transcriptie 


Op 22 december 1729 werden in Colombo alle voorbereidingen getroffen die nodig waren voor de optocht van de gezanten. De dessave van Mature en de dispensier Pieter Cornelis waren hierbij betrokken.

Bekijk transcriptie 


In een brief uit Ceijlon van 23 januari 1730 werd gemeld dat toestemming was gevraagd aan de koning voor het schillen van reukbast in de bossen van de koning en voor de mars van de olifanten van de Compagnie door het gebied van de koning naar Iassanapatnam in februari of maart. Dit werd nader uitgelegd in een brief aan de koning, waarvan een afschrift werd bijgevoegd, samen met een lijst van geschenken. Voor deze geschenken en de koninklijke brief moest onderweg goed gezorgd worden en ze moesten dagelijks bekeken worden.

Hoewel het hof van Candy al enkele jaren geen verzoek had gedaan om gesloten havens van het eiland te openen, was het mogelijk dat dit bij deze gelegenheid opnieuw ter sprake zou komen. In dat geval moest men het verzoek helemaal afwijzen en duidelijk maken dat de orders van de heren meesters in het vaderland daar krachtig tegen waren. Volgens wat daar bekend was, mocht er op dat punt niet de minste verandering worden toegestaan. Andere vragen van het hof van Candy werden verder behandeld.

Bekijk transcriptie 


23 januari 1735 werd vanuit Ceylon gemeld dat bij de eerste audiëntie bij de koning, na overhandiging van de brief, een eerbiedige groet moest worden afgelegd. Daarbij moesten wensen voor volmaakte gezondheid worden uitgesproken en krachtige verzekeringen worden gegeven namens de Edele en Doorluchtige Compagnie dat men steeds zou blijven werken om de welwillendheid en gunst van zijn majesteit voor de Hollandse natie te behouden. Er mocht niet worden verzuimd om zijn majesteit speciaal te bedanken voor het sturen van 4 hofedelen met een speciale ola (geschrift) om iemand op dit eiland te laten verwelkomen. Verder moest met nadruk worden verzocht om voortzetting van zijn hoge en kostbare gunsten. Bovendien moest de vorst namens de Doorluchtige Compagnie worden bedankt voor het gemak en de hulp die de kaneel-schillers en olifanten-bedienden tijdens hun reis in het afgelopen voorjaar hadden ontvangen. Daarbij moest een nieuw verzoek worden gedaan om toestemming voor het aanstaande jaar om de Chialiassen (functionarissen) te zenden in zijn majesteit.

Bekijk transcriptie 


Op 23 januari 1730 werd vanuit Ceijlon geschreven dat er geen buitensporigheden mochten plaatsvinden. Men moest zich juist stil en gematigd gedragen en geduldig omgaan met de gebruikelijke vertragingen van de Kandianen. Onder de genoemde bedienden bevonden zich ook assistent Coryn Stevensz als schrijver en de modliar (functionaris) Louis de Sarram als tolk. Aan deze laatste was ook een Singalese appoehamijs (lagere functionaris) toegevoegd genaamd Balthazar Dias, om van hem alles te leren over de gebruiken en gewoonten van het Singalese hof. Dit was bedoeld zodat hij op termijn ook de Oost-Indische Compagnie kon dienen als tolk, voor het geval dat Louis de Sarram door zijn toenemende leeftijd en zwakheden daartoe niet meer in staat zou zijn. De langjarige ervaring van de genoemde Parram, samen met zijn dagelijkse omgang, zou kunnen laten zien hoe de Kandianen en vooral de hofedelen met beleefdheid en meegaandheid volgens de landse wijze behandeld moesten worden. Dit was nodig om ontevredenheid te voorkomen bij deze achterdochtige volksaard. Deze mensen waren zeer gehecht aan hun bijzondere gewoonten en hoffelijkheden. Daarom werd het goed geacht om ter instructie enkele originele dagregisters van eerdere gezantschappen mee te geven.

Bekijk transcriptie 


Op 23 januari 1730 werd op Ceylon besloten om alle tekenen van goede wil en hoog aanzien van Nederlandse kant te beantwoorden met gelijke tekenen van genegenheid en respect. Dit gebeurde vooral om alle slechte indrukken en ontevredenheid uit het verleden weg te nemen. Er werd een mooi en belangrijk geschenk voorbereid dat onder begeleiding van 2 mensen zou worden gebracht. Deze laatsten werden gekozen als gezanten van de Compagnie. Ze zouden met het geschenk op reis gaan samen met een keizerlijke brief. Dit geschenk was volgens gebruik bij het wisselen van gouverneurs van dit eiland veel groter dan wat men normaal jaarlijks naar dat hof stuurde. Bovendien werd het vergezeld door zeldzame dieren die daar eerder nooit waren gezien. Men had reden om aan te nemen dat dit alles wel aangenaam zou zijn. Het zou vooral veel genoegen doen wanneer de Nederlandse en inlandse bedienden die namens de Compagnie waren toegevoegd voor dienst en staat, in goede discipline werden gehouden en geen sterke drank kregen, zodat ze in dat vreemde land niet tot...
Bekijk transcriptie 


Gualterus t' Lam werd samen met een andere gezant namens de Verenigde Oostindische Compagnie naar de machtige keizer Were Praac creme Nar Eendre zinga van het eiland Ceylon gestuurd. De keizer en zijn hovelingen waren zeer tevreden over de recente veranderingen in het bestuur van het eiland. Dit bleek uit het feit dat 4 belangrijke hovelingen naar Colombo werden gestuurd met een speciale brief om Gualterus t' Lam welkom te heten als nieuwe gouverneur. De gesprekken met deze gezanten en wat er verder gebeurde werd uitgebreid opgetekend in het Colombo dagregister op 27 en 28 september en op 1, 5, 7 en 8 oktober van het vorige jaar.

Bekijk transcriptie 


23 januari 1730 werden vanuit Ceylon de volgende goederen verzonden: 10 vaten met medicinale wateren, waarvan 2 vaderlandse en 8 inlandse, genummerd 17, 78, 79, 80, 81, 82, 83, 84, 85 en 86. Verder 144 grote flessen Perzijaans rozenwater in 6 kisten genummerd 87, 88, 89, 90, 91 en 92. Ook 200 pond poedersuiker in 2 kisten genummerd 93 en 94, en 100 pond kandijsuiker in 1 kist genummerd 95. Daarnaast 300 pond welriekend sandelhout in 2 bundels, genummerd 96 en 97.

Er waren 2 mooie zwarte hengsten, waarvan 1 met een rood fluwelen en de andere met een groen lakens kleed. Ook was er een Ambonse zeeslang in een mooie kooi bedekt met rood laken. Verder waren er 2 zeer mooie vreemde vogels die op een eiland waren gevonden door 1 van de onlangs aangekomen schepen uit het vaderland, in een mooie kooi eveneens met een rood lakens kleed.

22 december 1729 werd dit document ondertekend in Colombo door Lodewijk Hoepels, secretaris. Later werd bevestigd dat het klopt door Bern Schroder, eerste klerk.

Het document diende als instructie voor de gekwalificeerde hoofd-landmeter van Mature, Pieter Cornelis, en de apotheker van Colombo.

Bekijk transcriptie 


Van Ceylon werd 23 januari 1730 een lijst met goederen verzonden. Deze bevatte onder andere:

Bekijk transcriptie 


10 juli 1899 stuurde een referendaris namens de minister een brief naar de heer H. Bakema in Meolder. De brief bevatte het droevige nieuws dat Drewes Bakema, met nummer 16244, op 6 juni 1847 in Malang was overleden aan cholera. Over het bedrag van de nalatenschap was nog geen informatie ontvangen. Het Indisch Bestuur zou worden gevraagd om deze informatie te verstrekken, zodat H. Bakema hierover later bericht zou krijgen.

Bekijk transcriptie 


Bekijk transcriptie 


Om 19:00 uur werd de wacht overgenomen van brigadier Mandsma.

Om 19:00 uur werd telefonisch medegedeeld dat er een drijvende heipaal van ongeveer 10 meter lengte was aangedreven bij de speelgoedfabriek "Sonja" aan de Oostzijde 327.

Om 20:15 uur deed Trijntje Smits, 20 jaar oud, kantoorbediende, wonende aan de Westzijde te Westzaan, aangifte van opzettelijke verduistering van een bruinlederen schoudertas. In de tas zaten 1 vulpen, 1 bruinlederen portemonnee met 125 gulden en 1 blauwe vulpenhouder. Zij had de tas op 24 september 1950 om 14:45 uur laten liggen in een autobus van de MEA die uit Westzaan kwam. Brigadier Tado deed onderzoek.

Om 21:45 uur deelde opzichter Baart van gemeentewerken mee dat er zich in de Parbstraat tussen de brug in de Trosweg een diepe kuil in de weg bevond.

Om 22:00 uur werd de wacht zonder arrestanten overgegeven aan brigadier Veenema.

Om 22:00 uur werd de wacht zonder arrestanten overgenomen van brigadier Arts.

Om 23:45 uur deed Lena van Marion, 26 jaar oud, secretaresse, wonende aan de Westzijde 73a, aangifte van diefstal van haar damesrijwiel. Zij had het rijwiel die dag om 20:45 uur op slot gezet tegen het perceel Westzijde 73. Om 23:30 uur bleek het rijwiel verdwenen te zijn. Aangifte werd opgenomen.

Om 24:00 uur meldden de agenten Van der Worp en Kruit senior dat zij waren gewaarschuwd door journalist Meijroos dat er werd gevochten voor ijssalon Temps. Bij hun komst bleek de ruzie al bedaard te zijn, zodat zij niet hoefden op te treden.

Om 1:00 uur werd telefonisch om assistentie gevraagd bij de heer Witgenstraat 6, waar een dronken man aan de deur herrie maakte. Agent Kruit senior ging samen met Van der Worp per Chevrolet daarheen. Zij meldden daarna dat zij bij het genoemde perceel Cornelis Jan de Heer van de Eschdvoornbaan 76 hadden aangetroffen. Hij was licht onder invloed van alcohol maar niet dronken.

Bekijk transcriptie 


6: De wacht werd zonder arrestanten overgenomen van brigadier van politie Veenema. Om 13.30 uur werd aan de rijkspolitie doorgegeven dat er een verkeersongeval had plaatsgevonden in de Westzijde bij slagerij Brinken. Agent van politie Kat, Blank en Luik gingen erheen. Bij aankomst bleek het een aanrijding tussen een motorrijwiel en een solexrijwiel te zijn. Bij hun komst waren de bestuurders al vertrokken. Er was alleen materiële schade aan het solexrijwiel. Volgens omstanders was de schade onderling geregeld.

De wacht werd zonder arrestanten overgegeven aan brigadier. De wacht werd om 14.00 uur zonder arrestanten overgenomen van brigadier van politie Sijbrandy.

18 april: De wacht werd overgegeven aan brigadier Bundern.

16 april: De wacht werd overgenomen van brigadier van politie Art. Een vrouw was gevallen en had haar been gebroken, meldde agent van politie Scherrenburg. Gisterenmorgen om ongeveer 8.30 uur wilde Dirkje Otten, geboren te Zaandam op 30 juni 1902, zonder beroep, echtgenote van W.A.F. van Zeeland, wonende te Zaandam, Hanenpad 30, ter hoogte van de woning van de dokter in de Spoel, Prins Hendrikkade 2, op haar fiets stappen. Haar rechtervoet gleed van de pedaal, waardoor zij kwam te vallen. Door deze val liep zij een gecompliceerde rechteronderbeenbreuk op. Dokter van de Spoel verleende geneeskundige hulp, waarna zij op zijn advies naar het gemeentelijk ziekenhuis werd vervoerd.

De wacht werd overgegeven aan brigadier Art.

Bekijk transcriptie 


Door een kortsluiting ontstond een vonk, die waarschijnlijk van de benzine die bij het knutselen vrij was gekomen, het gevolg was dat brand ontstond. Het motorrijwiel werd, na vergeefse pogingen om de brand te blussen, door Haakmeester naar buiten gereden, terwijl een ander motorrijwiel, een D.K.W., in veiligheid kon worden gebracht. Het derde motorrijwiel, nog in aanbouw, bleef echter in de schuur achter. De schuur zelf kon worden behouden. Materiële schade alleen aan de motorrijwielen. H.J.M. Paemers, oud 19 jaar, wonend Williamstraat 13, was Haakmeester bij het repareren behulpzaam.

22 uur de wacht, zonder arrestanten, overgegeven aan de brigadier de wacht C.M. Meenema.

22 uur De wacht, zonder arrestanten, overgenomen van de brigadier.

2 uur een auto onbeheerd aangetroffen. Melding op het bureau dat zijn vierwielige bestelauto, gekenmerkt G. 62490, onbeheerd en niet tegen wegneming beveiligd, had aangetroffen op de Provincialeweg alhier. Opdracht gegeven de auto naar het bureau te brengen, waaraan is voldaan.

3 uur vervoegde een man zich op het bureau, genaamd Adrianus Franciscus Donkers, geboren te Prinsenhage (Noord-Brabant) 17 april 1925, monteur, wonend te Haarlem, Brouwerstraat 32, die verklaarde dat hij de bewuste auto had gerepareerd in opdracht van J. Quist, banketbakker, wonend Vijfhuizerdijk 157 te Haarlemmermeer, die eigenaar van de auto was. Dit gecontroleerd en juist bevonden. Donkers beweerde dat hij de auto geprobeerd had en op de Provincialeweg was de motor afgeslagen. Menende dat de benzine op was, was hij te voet benzine gaan halen. Bij zijn terugkomst was de auto verdwenen geweest en daarom had hij zich naar het bureau begeven. De auto is aan Donkers afgegeven; één en ander op verzoek van Quist, voornoemd.

6 uur De wacht, zonder arrestanten, overgegeven aan de brigadier Sijbrandij.

De wacht einde F. Tienemer.

Bekijk transcriptie 


20 januari 1732 werd er vanuit Ceylon een lijst met goederen opgesteld. Deze goederen werden namens de Nederlandse Compagnie verzonden naar het hof in Kandy. De goederen moesten met respect worden aangeboden aan de keizer. Ze werden gestuurd via de gelieerde gouverneur van Mature, Pieter Cornelis de Patot, en de apotheker uit Colombo, Gualterus t' Lam. De brief was ondertekend door S. Versluijs vanuit het kasteel Colombo op 22 december 1729, met als tweede ondertekenaar Bernh Schrooder, eerste klerk. De lijst bevatte onder andere:

Bekijk transcriptie 


Woensdag 14 januari 1880 om 11:00 uur zou er bij herberg van Jan van Schutrups in Doorn een openbare verkoop plaatsvinden van onroerend goed. Dit was om de hoofdsom, renten en kosten te verhalen van de schuldenaar. De verkoop zou worden geleid door notaris Jan Darcmolt van Roijen uit Borger.

De deurwaarder heeft de schuldenaar gedagvaard om te betalen. De kosten hiervan bedroegen 3,90 gulden.

20 november 1880 ontving de schuldenaar geld van crediteur Jannes Snoeken.

Op verzoek van Jannes Snoeken, deurwaarder in Gasselte, met kantoor bij notaris Van Roijen in Borger, heeft deurwaarder Raelof Hars uit Emmen aan Maria en Timmer in Noordbarge een aanvullende dagvaarding betekend.

Deze dagvaarding verbeterde en vulde aan de eerdere dagvaarding van 9 januari. De openbare verkoop van het onroerend goed zou niet plaatsvinden op 16 januari 1880, maar werd uitgesteld naar donderdag 30 januari 1880 om 11:00 uur. De verkoop zou worden gehouden bij herbergier Jan van Schutrups in Doorn, onder leiding van notaris Jan Darcmolt van Roijen uit Borger.

Bekijk transcriptie 


30 september 1929 verschenen voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van Amsterdam Simon Joesan, diamantbewerker, 63 jaar oud, en Ruben Joesan, diamantbewerker, 61 jaar oud. Zij waren broers van de overledene en verklaarden dat op 28 september 1929 om 9:00 uur 's ochtends in Amsterdam was overleden: Salomon Soesan, 65 jaar oud, venter, geboren in Amsterdam, echtgenoot van Esther Joesan, zoon van David Soesan en Rachel Benedictus de Vries, beiden overleden.

30 september 1929 verschenen voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van Amsterdam Hendrik Rietbroek, aanspreker, 40 jaar oud, en Eduard Rietbroek, zonder beroep, 74 jaar oud. Zij verklaarden dat op 27 september 1929 om 10:30 uur 's avonds in Amsterdam was overleden: Niesje van Noorloos, 42 jaar oud, zonder beroep, geboren in Sliedrecht, weduwe van Marinus Gerrit Johannes van Adrichem, dochter van Willem van Noorloos en Janigje Lakerveld, beiden overleden.

30 september 1929 verschenen voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van Amsterdam Sero van Wijngaarde, aanspreker, 61 jaar oud, en Jan Jacob van de Tanvoort, aanspreker, 56 jaar oud. Zij verklaarden dat op 28 september 1929 in Amsterdam was overleden: Catharina Kruntje Kooijman, 36 jaar oud, zonder beroep, geboren in Oud Beijerland, echtgenote van Johannes Hendrik Jansen, dochter van Anthonie Kooijman en Antje Visser, beiden overleden.

30 september 1929 verschenen voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van Amsterdam Hendrik Rietbroek, aanspreker, 40 jaar oud, en Eduard Rietbroek, zonder beroep, 74 jaar oud. Zij verklaarden dat op 27 september 1929 om 8:30 uur 's ochtends in Amsterdam was overleden: Hulda Emma Krause, 71 jaar oud, zonder beroep, geboren in Sompotten in Duitsland, echtgenote van Gustav Adelbert Boost, dochter van Nicolaus Krause en Ottilie Stamer, beiden overleden.

30 september 1929 verschenen voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van Amsterdam Hans Johansen, aanspreker, 46 jaar oud, en Ekhard Dulfer, aanspreker, 56 jaar oud. Zij verklaarden dat op 28 september 1929 om 7:00 uur 's ochtends in Amsterdam was overleden: Harmannus Matt

Bekijk transcriptie 


Ten tweede: Tot mantri van het district Ajapan nummer 54 in de residentie Soerabaja werd benoemd Maas To Leksono. Aan hem zou een officiële akte van aanstelling worden uitgereikt. Een afschrift van deze resolutie zou worden verstrekt aan de Hoofdinspectie van Financiën, de resident van Soerabaja en de Algemene Rekenkamer, ter informatie en kennisgeving.

Nummer 2: Gelezen werd een brief van de resident van Soerabaja, gedateerd 23 van de vorige maand, nummer 1733. Hierin werd, onder verwijzing naar het besluit van de 6e van de vorige maand nummer 166, voorgesteld om de commies op zijn bureau Johan Martin Esche te benoemen tot eerste commies van de tweede klasse met een maandelijks salaris van 230 gulden, ingaand per de 1e van deze maand. Hierover beraadslaagd zijnde werd goedgevonden en besloten om te benoemen en aan te stellen Johan Martin Esche tot eerste commies van de tweede klasse op het bureau van de resident van Soerabaja, op het daarvoor vastgestelde maandelijks salaris van 250 gulden, ingaand per de 1e van deze maand. Aan hem zou een officiële akte van aanstelling worden uitgereikt. Afschriften van deze resolutie zouden worden verstrekt aan de Hoofddirectie van Financiën, de resident van Soerabaja en de Algemene Rekenkamer, ter informatie en kennisgeving.

Nummer 26, dinsdag 7 augustus 1821: Gelezen werd een brief van de resident van Besoeki, gedateerd 23 van de vorige maand, nummer 4560. Hierin werd ter uitvoering van de resolutie van de 6e van deze maand nummer 106 voorgedragen om tot derde commies van de 2e klasse op zijn kantoor te benoemen de eerste klerk C. G. Hagenstein. Hierover beraadslaagd zijnde werd goedgevonden en besloten om te benoemen en aan te stellen C. G. Hagenstein tot derde commies van de 2e klasse op het residentiebureau van Besoeki, op het daarvoor vastgestelde maandelijks salaris van 150 gulden. Aan hem zou een officiële akte van aanstelling worden uitgereikt. Een afschrift hiervan zou worden verstrekt aan de Hoofddirectie van Financiën, de resident van Besoeki en de Algemene Rekenkamer, ter informatie en kennisgeving.

Nummer 7: Gelezen werd een brief van de fungerend resident van Banka, gedateerd 20 januari 1820, nummer 120/7. Hierin gaf hij te kennen dat de voormalige resident Hleinis in het jaar 1817 op Hangam en Beloo twee huisjes had laten bouwen, waarvan de kosten ten bedrage van elk 350 gulden nog niet waren voldaan. Voor betaling hiervan hadden de dienstdoende Batinsoe en de mandoer Moendi, die deze huisjes hadden gebouwd, zich tot de fungerend resident gewend. Hij gaf in overweging dat, gezien de vervallen staat waarin deze gebouwen zich thans bevonden en op grond waar

Bekijk transcriptie 


Anthonius Petrus werd geboren op 9 april.

Terntje Gezina werd geboren op 8 juni.

Johanna werd geboren op 14 mei.

Wilhs Lucretius Maria werd geboren op 7 januari.

Walter Herman werd geboren op 21 mei.

Wilha Catharina werd geboren op 25 juni.

Anna Maria Henriette van Hamme werd geboren op 20 december.

Nicolaas Corstiaan werd geboren op 23 april.

Elisabeth Johanna werd geboren op 17 april.

Jakoba werd geboren op 9 december.

Joseph Daniel Maria werd geboren op 4 juli.

Elisabeth werd geboren op 21 oktober.

Kartina Wilhelmina werd geboren op 6 mei.

Josephus Antonius werd geboren op 25 juli.

Wilha Clasina Sophia werd geboren op 16 april.

Robert Watraven Gustaaf Albert werd geboren op 16 juli.

Anna werd geboren op 5 augustus.

Cornelia werd geboren op 4 december.

Helena Maria werd geboren op 19 januari.

Anna Maria werd geboren op 14 oktober.

Antje werd geboren op 19 april.

Dirk werd geboren op 26 april.

Hendrika Maria werd geboren op 15 augustus.

Hermanus werd geboren op 11 oktober.

Bekijk transcriptie 


15 september 1922 verschenen te Haarlem:

De genoemde kinderen zijn de kinderen van wijlen Agatha Duin, weduwe van Jacob Haver te Velseroord.

Bekijk transcriptie 


13 februari 1902 verschenen Karel van Balen, winkelier en wonend in Haarlem, en Jozef Baten, metselaar, wonend in de Haarlemmermeer en tevens koopman, voor notaris Johannes Willems in Haarlem.

Karel van Balen verklaarde schuldig te zijn aan Willem Karel Loeft, notaris wonend in Haarlem, een bedrag van 1.850 gulden wegens vandaag geleend geld.

De voorwaarden van deze lening waren:

  • De schuldenaar moest een rente betalen van 5 procent per jaar, ingaand op 20 januari (van dat jaar), te betalen in halfjaarlijkse termijnen op 15 januari en 15 juli van elk jaar, voor het eerst op 15 juli 1902.
  • Het geleende bedrag of het restant daarvan was te allen tijde aflosbaar en opvraagbaar, mits daarvan minstens 3 maanden van tevoren opzegging werd gedaan.
  • De schuldenaar was verplicht jaarlijk op een van de vervaldata van de rente een bedrag van 200 gulden af te lossen.
  • De betaling van hoofdsom en rente moest gebeuren aan en ten huize van de schuldeiser, zonder enige kosten of schuldverrekening.
  • Alle kosten van deze akte, inschrijving, opzegging en doorhaling, en alle andere hieruit voortvloeiende kosten kwamen voor rekening van de schuldenaar.

Tot zekerheid voor de betaling van de hoofdsom met rente en kosten verbonden de schuldenaar en Jozef Baten hypothecair ten behoeve van de schuldeiser:

  1. Karel van Balen verbond:
    • Een woon- en winkelhuis, een pakhuis en een afzonderlijke bovenwoning met erf, staand in Haarlem aan de Schoterweg, kadastraal bekend in sectie G nummer 106 als bouwterrein groot 88 centiare.
    • Een woon- en winkelhuis en een woonhuis onder één dak met erven en tuinen, staand in Haarlem aan de Maarten van Heemskerkstraat, kadastraal bekend in sectie G nummers 795 als huis en erf groot 99 centiare en 796 als huis en erf groot 1 are 1 centiare.
    Deze percelen behoorden hem in volle eigendom.
  2. Jozef Baten verbond: Een huis, schuur, erf en tuin staand in de Haarlemmermeer aan het Hoofddorp nabij de Kruisweg aan de Binnenweg, kadastraal bekend in sectie C nummer 2720 als huis en erf groot 1 are 50 centiare. Dit perceel behoorde hem in volle eigendom.
Bekijk transcriptie 


De tekst bevat een overzicht van rechtshandelingen die zijn vastgelegd in februari, maart, april, mei en juni 1542 in en rond Kerkrade en andere plaatsen in de regio.

De volgende soorten rechtshandelingen worden beschreven:

  • Openbare verkopen van onroerende goederen zoals huizen, tuinen, boomgaarden, bouwland en weiland
  • Verkopen van roerende goederen en meubels
  • Obligaties (schuldbekentenissen) voor verschillende bedragen
  • Volmachten waarbij mensen anderen machtigen om namens hen te handelen
  • Testamenten
  • Toestemmingen voor verkopen
  • Delingen van eigendommen
  • Stichtingen
  • Kwijtingen (bevestigingen dat schulden zijn betaald)
  • Ruilingen van gronden
  • Huwelijkscontracten
  • Doorhalingen van eerdere inschrijvingen

Bij de meeste transacties worden de volgende gegevens vermeld:

  • De namen van betrokken personen, waarbij regelmatig voornamen als Hubert, Jozef, Jan, Hendrik, Maria, Catharina en Anna voorkomen
  • Hun woonplaatsen, voornamelijk Kerkrade, Herkrade, Eijgelshoven, Achtscheid, Simpelveld, Wittem en Luik
  • De aard en ligging van de verkochte goederen
  • De grootte van percelen, uitgedrukt in aren
  • De verkoopprijzen in guldens
  • Registratiekosten

Voorbeelden van transacties zijn de verkoop door Hubert Jozef Luckers aan Hendrik Christiaan Wolfs, beiden te Kerkrade, van roerende goederen voor 31 gulden, en verschillende openbare verkopen van landbouwgrond en gebouwen aan verschillende kopers met prijzen variërend van enkele guldens tot honderden guldens.

Bekijk transcriptie 


Er werd een veiling gehouden van verschillende huishoudelijke goederen en landbouwgereedschappen. De lijst bevatte onder meer 100 stoelen, een kist, kruiken, een kuip, een zaadzaaimachine, een gieter, ketels, trechters, een emmer, een ladder, een schrijn, potten, ketels, emmers en kammen.

De volgende personen kochten goederen op de veiling:

Er werden ook aardappelen, meel, schauwen, een korte kar, een lange kar, een ploeg, een egge, koeien bakken, potten, kasten, een klok, een tafel, stoelen, een ketting en andere items verkocht voor bedragen variërend van 5 tot 95 gulden.

Verdere kopers waren:

Het totaalbedrag van de veiling was 380 gulden en 10 cent.

De veiling werd bijgewoond door getuigen Gerardus van den Bosch, een particulier, en Engelbertus Trix, katoenverver, beiden uit Voorthuizen. Zij tekenden het document samen met de notaris na voorlezing.

Het document werd geregistreerd in Voorthuizen in deel 50, blad 26, vak 33-5. Er werd 7 gulden en 60 cent aan registratiekosten ontvangen, plus 2 gulden en 89 cent aan opslag, wat in totaal 10 gulden en 49 cent bedroeg.

Bekijk transcriptie 


24 april 1908: Van 10 tot 1 uur waren O. Hellema, Th. Pigeand en Sprokholt in dienst.

Cornelis Taams uit Oostzaan deed aangifte dat zijn roeiriemen uit zijn jol waren verdwenen. De jol had hij zoals gebruikelijk in de sloot naast het kopermolenspad vastgelegd. Drie jongens hadden met een andere jol en zijn riemen gespeeld:

De jongens verklaarden dat zij de riemen uit de jol van C. Taams hadden genomen om te gaan varen met de jol van D. Taams, maar dat zij de riemen aan de jol van D. Taams hadden laten hangen. De politie zou de gebroeders Taams de volgende dag nogmaals over deze zaak horen.

Sprokholt had de nachtdienst van 24 op 25 april 1908. Hij nam om 10 uur de dienst over van Pigeaud. Er waren geen bijzonderheden. Om 11 uur sloot hij het politieposthuis.

25 april 1908: Om 8 uur kwamen H. Noordenbos en later O. Hellema in dienst. Sprokholt ging om 9 uur uit dienst.

26 april 1908: Om 8 uur kwamen H. Noordenbos en G. Schoen in dienst. O. Hellema ging om 9 uur uit dienst. Er stond een kan gemerkt met W.B.R. op het bureau voor de eigenaar om terug te halen, maar deze mocht niet worden afgegeven zonder toestemming.

27 april 1908: Om 8 uur kwamen J. Viers en G. Schoen in dienst. H. Noordenbos ging om 9 uur uit dienst maar was niet gekomen. J. Viers moest naar de rechtbank.

Bekijk transcriptie 



Vorige paginaVolgende pagina

Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/