Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Op 27 mei 1790 verscheen voor notaris Philip te Anin Zweerts in Amsterdam een vrouw genaamd Sara Casparus, weduwe van Daniel van de Velde die vroeger pedel (een soort schoolconciërge) was. Ze woonde in de kleine Kattenburgerstraat.
Ze was gezond van lichaam en helder van geest. Ze wilde haar testament maken en verklaarde eerst alle eerdere testamenten ongeldig, waaronder specifiek een testament van 28 november 1797 dat ze had laten opstellen bij notaris Cornelis van Zoen.
In haar nieuwe testament bepaalde ze dat:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605544 / 319 De testatrice (de persoon die het testament maakt) maakt de volgende verdeling van haar bezittingen na haar dood:
Zij wil dat de inboedel wordt verkocht, met uitzondering van enkele specifieke erfstukken. Het geld voor de kinderen moet worden bewaard tot de jongste meerderjarig is.
Ze laat na aan:
Alle kleinzoons samen krijgen:
De schoonmaakster Anna Alberts Knods krijgt, als ze nog in dienst is bij overlijden:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 605544 / 321 Dit is een contract over plaatsvervanging (iemand anders in dienst laten gaan) tussen Johannes Henricus Loomeijer uit Alkmaar en Hendrik Koenekoop uit Amsterdam. Het document bevat twee delen:
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1617 / 1676 / 0312 Dit is een lijst van kerkelijke bijdragen uit Amsterdam van 31 maart 1738 voor plantages in de kolonie. Enkele belangrijke vermeldingen:
De lijst vermeldt ook koloniale bestuurders die moeten betalen:
Het document eindigt met instructies over hoe de hoofdgelden per plantage moeten worden geregistreerd, waarbij elke plantage apart moet worden vermeld met aantallen blanke, rode en zwarte mensen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.05 / 66 / 0461 Op 24 juni 1667 in Amsterdam verschenen voor notaris Gillis Borsselaer verschillende getuigen, waaronder Vennekool en Meijndert Reijnderssen. Op 8 juli 1663 verschenen voor dezelfde notaris:
Zij verklaarden dat ze Pietertie Pieters, weduwe van Hendrick Claesz Kroon, goed kenden. Ze bevestigden dat zij dezelfde persoon was als degene die in een maandbrief per ongeluk Antien Jansen werd genoemd. Dit was al eerder bevestigd in een verklaring van Lubbert Jaden op 2 november 1666 voor notaris Simon Oosterhooren in Zaandam. Pietertie Pieters gaf vervolgens volmacht aan haar dienstmeid Catarina Andries om in Harlingen bij de admiraliteit geld te innen dat haar was toegekend via een testament en maandbrief van haar zwager Tem Harmansz. Later verschenen Cornelis Heusz van Diemen (40 jaar) en Jacob Fluijt (29 jaar) uit Amsterdam. Zij verklaarden dat Anna Joos, de vrouw van zeeman Daniel Pietersz Bout, zwaar aan de drank was als haar man op zee was. Ze woonde op Bickerseiland en werd zo dronken dat ze niet voor zichzelf kon zorgen. Cornelis van Diemen zag haar op één ochtend voor 8 uur vier keer brandewijn halen.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 701669 / 223 Dit is een personeelslijst van de VOC op Ceylon uit 30 juni 1721. De lijst bevat:
De meesten zijn tussen de 65 en 81 jaar oud. Ze worden onderhouden door de VOC vanwege hun hoge leeftijd en zwakke gezondheid. Ze ontvangen verschillende maandelijkse vergoedingen, variërend van 9 tot 24 gulden.
In Galle verblijven nog enkele andere personen, waaronder:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 1982 / 0342 De notaris Jacob Pondt heeft op 3 maart 1662 in Amsterdam een verklaring opgesteld. Een grote groep erfgenamen heeft 5000 gulden plus rente ontvangen van Isaacq Chijmans. Dit bedrag kwam voort uit een schuldbrief van 5 januari 1660. De erfgenamen waren familie van de overleden Hans Mols uit Amsterdam. Het ging om:
Jacobus Mols Hendricksz verklaarde dat dit alle erfgenamen waren en dat er geen anderen meer in leven waren. De betaling werd bevestigd door getuigen Johannes Bruijningh en Thomas Wtenbogaert, inwoners van Amsterdam.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1937166 / 172 Dit is een lijst van testamenten en huwelijkse voorwaarden uit Amsterdam uit 1595. De lijst bevat verschillende personen:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2320235 / 564 Dit is een lijst van plantages en hun eigenaren in de koloniale periode. De registratie loopt van 20-22 januari 1735 tot 13 december 1741. De lijst bevat:
De registratie bevat informatie over overdrachten van eigendom, nieuwe uitgiftes van land en wijzigingen in eigenaarschap van bestaande plantages.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.05 / 443 / 0006 Hier volgt een lijst van plantages en hun eigenaars in chronologisch volgorde van registratie:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.05 / 66 / 0469 Dit is een administratieve lijst met toewijzingen van stukken land (akkers) en slaven in de kolonie Berbice in de periode 1735-1736. Het document bevat:
Enkele belangrijke personen die land of slaven ontvingen waren:
In totaal werden er ongeveer:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.05 / 439 / 0089 Tussen 14 augustus en 30 december 1737 en later in 1738 vertrokken er verschillende groepen kolonisten uit Amsterdam naar de kolonie Berbice. Ze reisden met verschillende schepen:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.05 / 439 / 0100 Op 7 juli 1657 verschenen voor notaris Frans Wtenbogaert in Amsterdam drie dienstbodes en een knecht van de overleden Simon van Alteren. Ze verklaarden op verzoek van Lodewijck van Alteren dat ze de avond ervoor in het sterfhuis hadden gehoord hoe een dorpspredikant uit Jaersvelt had beweerd dat Lodewijck prostituees in het sterfhuis van zijn vader zou ontvangen. De drie getuigen verklaarden dat dit niet waar was. Ze hadden gezien dat Lodewijck zich netjes gedroeg in het sterfhuis sinds zijn vaders overlijden.
Op 28 juni werd Cornelis Sarcerius, erfgenaam van zijn overleden broer Dirck Sarcerius, gearresteerd terwijl hij de erfenis probeerde te verdelen met Judith vanden Boogaerden (weduwe van Dirck). Het conflict ging over een kwitantie die Cornelis niet wilde tekenen omdat deze oneerlijk was opgesteld. Op 16 juli 1657 protesteerde Cornelis via de notaris tegen zijn arrestatie en eiste vrijlating.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1936871 / 28 Deze administratieve lijst uit de 17e eeuw bevat de volgende personen en hun transacties:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2320290 / 346 Op 29 januari 1642 kwamen verschillende schuldeisers bij elkaar voor notaris Joost van de Ven in Amsterdam. Het ging om Jan Gerritsen Schoutter, Isaac Vlaming, Philius Pelt, Jacob Reepmaker en Guilliam van Hoorn. Zij waren schuldeisers van Abraham van Hoest. Ze gaven Robbert Verschagen de macht om geld te innen van de weduwe Cappelmans.
Op dezelfde dag verschenen Laurens Janssen (50 jaar) en Frerick Janssen (43 jaar) voor de notaris. Zij verklaarden dat Jan Dircxsen, de halfbroer van Michiel Heijnricxsz, in december 1641 was overleden op een schip in Lissabon.
Op 30 januari 1642 verscheen Poulus Janssen (26 jaar) uit Groningen voor de notaris in Hamburg. Hij verklaarde dat hij twee jaar als matroos had gewerkt op het schip De Fortuijn onder schipper Marten Molder uit Lübeck. Het schip was met wijn en fruit uit Malaga vertrokken. Na een tussenstop in Cadiz is het schip zes weken geleden vergaan bij Portland (Engeland). Van de hele bemanning overleefden alleen Poulus Janssen, Thijs Franssen en Claes Timmersz het ongeluk.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 701690 / 41 Op 28 maart 1642 verschenen verschillende personen voor een notaris in Amsterdam. Deze personen waren:
Ze verklaarden onder ede dat ze Hans Martin en Rommel Maique Backers (ook bekend als Martin) goed kenden als kooplieden en burgers van Amsterdam. Ze bevestigden dat David Martin, nu een koopman in Marseille, de wettige zoon is van dit echtpaar.
Ook werd op dezelfde dag een verklaring afgegeven door Cornelis Rombouts, een blauwverver aan de Brouwersgracht, over het goede gedrag van zijn werknemer Jan Jansz van Dorsten, die twee jaar voor hem had gewerkt.
Verder verscheen Jacques Michielssen uit Ieper om te bevestigen dat hij 12 gulden en 8 stuivers had ontvangen van Jacomijntie de Nijs, de vrouw van Isaac Govertsz, voor een geldkwestie in Valkenburg.
Philippe Vinghboons, 36 jaar oud, getuigde over een verkoop van schilderijen door Pieter Jacobsz Boel aan een koopman voor 300 gulden. Deze schilderijen waren bedoeld als afbetaling van een schuld aan Joannes Drincker uit Antwerpen.
Tot slot gaf Anthonij Gerritsen, een passementwerker uit de Harestraat, een volmacht aan zijn vader Gerrit Gerritsen en zijn vrouw Hilletie Jans omdat hij als adelborst op het schip De Salamander naar Indië zou varen.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 701690 / 89 Op 21 mei 1700 verklaarde Cornelis Winter, notaris, dat Pieter Ruijt, secretaris van Slooten, Sloten, Osdorp een stuk land had verkocht aan Gerard Wateringen. Dit gebeurde op 28 augustus 1699. De verkoopprijs was 4200 gulden, die als volgt werd betaald:
Op 24 mei 1700 verschenen voor notaris Winter mevrouw Margareta Trip, echtgenote van burgemeester Roeloff Helbe uit Dordrecht, samen met Joan van den Velde, Johan Helbe en Daniel Helbe. Ze verklaarden 2500 gulden ontvangen te hebben, als deel van een grotere lening van 50.000 gulden. Dit bedrag moest worden terugbetaald op 15 maart 1703 met 4% rente per jaar.
Dezelfde dag leenden zij ook 15.000 gulden van Joan van den Velde, als deel van een lening van 100.000 gulden, terug te betalen op 15 maart 1702, ook tegen 4% rente per jaar.
Op 24 mei 1700 gaf Hendrik van Henen volmacht aan Juffrouw Johan om 169 gulden, 13 stuivers en 8 penningen te innen bij de Oost-Indische Compagnie, op basis van rekeningen van Tomas Jans van Bergen.
Op 25 mei 1700 gaf Niclaes van Beseler, koopman, volmacht aan David Soorbeeck om zijn rechten te behartigen in rechtszaken.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2320430 / 48 De tekst gaat over een testament dat op 16 april 1642 werd opgemaakt in Amsterdam. Hierin bepaalt Sebastiaan Pittavin de Jonge, een gezonde koopman die naar het oosten zou reizen, het volgende:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 701696 / 43 In 1734 en 1735 werden er veel stukken land uitgegeven aan verschillende eigenaren in de koloniale tijd. Belangrijke eigenaren waren onder andere:
De belangrijkste plantages waren:
Deze plantages stonden onder leiding van verschillende directeuren waaronder Willem Schook, Jan Christ Bakker en Charles Moynard. In de jaren daarna, tot 1738, werden nog meer gronden uitgegeven. Sommige eigenaren hadden hun vergunningen (acte van gunninge) nog niet getoond. Een aantal plantages werd later overgedragen aan nieuwe eigenaren, zoals de plantage van Martinus van Harlinge die naar Adriaan van Damme ging.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.05 / 72 / 0281 Op 26 juli 1672 in Amsterdam werd een overeenkomst gesloten waarbij verschillende partijen betrokken waren, waaronder Hendrick Vunden Begaerdt en Marten Schrick als getuigen.
Op 24 juni 1672 verschenen voor notaris Nicolaes Brouwer in Amsterdam:
Deze personen waren erfgenamen van Jacques en Guilliam van Horn. Ze hadden eerder op 4 juli 1670, 16 september en 19 november 1670 afspraken gemaakt bij het Hof van Holland. Ze stelden Pieter Vande Velde en Harmen van Dolen aan als hun vertegenwoordigers bij de Hoge Raad. Als getuigen traden op Artenus Tollingh en Jacob de Meij.
Op 27 juni 1672 ging notaris Nicolaes Brouwer namens Samuel Stulingh (vertegenwoordiger van Johannes Henlius, koopman uit Londen) naar het huis van Adriaen Swartepaert. Er werd aan zijn dienstmeid een bericht overhandigd omdat Swartepaert een eerder vonnis van 18 mei niet had uitgevoerd. Als getuigen waren Michiel Servaes en Lambert Schimmel aanwezig.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1175175 / 128 In het jaar 1692-1693 zijn er verschillende juridische documenten opgesteld, waaronder:
De documenten betreffen vooral:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 2320419 / 278 Op 25 mei 1691 werd een document opgesteld voor Hendrik Schut. Op 12 november 1695 heeft notaris Dirck van der Groe op verzoek van koopman Hendrik Blankenhagen uit Amsterdam een bezoek gebracht aan Jan van den Velde, ook koopman, over een wissel van 550 rijksdaalders. Op 1 november 1691 verscheen Johannes van Ruchem voor notaris Dirck van der Groe. Hij droeg een obligatie over aan Daniel Reck ter waarde van 2.507 pond en 15 schellingen. Deze obligatie was oorspronkelijk van Andries Claes Vierhuijsen. Ook op 1 november 1691 verscheen Hendrik Janse Buijsent uit Rotterdam voor notaris Dirck van der Groe. Hij:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 606953 / 199 Dit blijkt een boekhouding te zijn van personen en hun aandelen in wat vermoedelijk een handelsmaatschappij was. Een aantal belangrijke personen die genoemd worden zijn:
Er worden verschillende bedragen genoemd in guldens, variërend van 1680 tot 25200 gulden. De administratie lijkt te lopen van 1741 tot 1763. Er worden betalingen via de bank ("Banco") en contant ("Cassa") geregistreerd met verschillende rentepercentages (3% en 4,5%).
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.05 / 405 / 0073 Op 9 januari 1811 verschenen Immanuel Spiegel en Adriana Verkuijl, een getrouwd stel uit Haarlem, voor notaris Jan Schou. Ze verklaarden dat hun meerderjarige zoon Christiaan Spiegels uit Amsterdam wilde trouwen met Maria Catharina Hamel, die ook in Amsterdam woonde. Volgens artikel 109 van het Wetboek Napoleon was hiervoor toestemming van de ouders nodig. De ouders gaven aan dat ze het volledig eens waren met dit huwelijk. Ze verzochten de huwelijksambtenaren in Amsterdam om:
De ouders vroegen om hier een officiële akte van te maken.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1617 / 1593 / 0017 De tekst beschrijft een huwelijkscontract met de volgende bepalingen:
Het contract werd ondertekend in Haarlem door Pieter Keun en Johanna Bongaardt (weduwe Surrij), in aanwezigheid van getuigen Abraham van Kanegem en Aegidius Walaardt Sacré. De notaris was J. Schouten.
Bekijk transcriptie NL-HlmNHA / 1617 / 1593 / 0014 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/