Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
Op 9 april 1732 kwamen in Kaap De Goede Hoop twee leden van de rechtbank bijeen: Pieter Backer en Jan Serrurier. Ze hoorden Thomas van Polon bij Timon aan. De verklaring werd voorgelezen door officiële klerk E. Faber. Thomas van Polon bij Timon bevestigde in het bijzijn van Augustus van Timor dat alles wat opgeschreven was de volledige waarheid was en dat er niets aan toegevoegd of weggehaald hoefde te worden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0460 Als iemand een voortvluchtige persoon, vrij of slaaf, onderdak geeft of van eten voorziet, wordt dit met de dood bestraft volgens artikel 49 van het algemene plakkaat. De aanklager eist daarom dat de gevangenen Thomas van Solon en Augustus van Timor ter dood veroordeeld worden op de gebruikelijke executieplaats.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0450 Een man vertelt dat hij zonder hemd een jas ging brengen, die hij nog niet ontvangen had. Hij zag dat een van de zoontjes uit het huis liep, die zei dat hij zijn vader ging halen. De man zegt dat hij niets anders in het huis van Jacobs had gedaan en dat hij niet over het vermoorden van de dienstmeid had gesproken. Hij ging daarna meteen naar zijn logement, waar kort daarna Jacobsz ook binnenkwam. Terwijl de man met twee vlaggenlieden en zijn huisbaas Frederik in gesprek was, gaf Jacobsz hem een vuistslag tegen zijn hoofd. Jacobsz riep daarbij dat de man beter aan de galei opgehangen kon worden, omdat hij niets beters verdiende. Toen de man door de slag op de grond lag, trok Jacobsz hem aan zijn haren en noemde hem een hond. Daarna vertrok Jacobsz weer.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0491 De verdachte Jan Francois van Daalen verklaarde op 3 juni 1762 voor raadsleden Christoffel Brand en Hendrik Oostwald Muller van de Raad van Justitie dat hij bij zijn eerdere bekentenis bleef. Dit werd bevestigd door secretaris C.L. Neethling. Van Daalen voegde alleen toe dat hij ongeveer 1 of 2 maanden eerder op straat ruzie had gehad met de dienstmeid Flora over een hemdrok met zilveren knopen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0492 Op 5 juni 1762 bekende een man dat hij, nadat hij voor 'hoerenzoon' was uitgescholden, met een steen had gegooid. Dit gebeurde in het huis van burger Melchiert Besch aan de Kaap de Goede Hoop. Hij had ook iemand een klap gegeven. Dit document werd ondertekend door de bekennende persoon zelf en door de klerken L.D. Faber, C. Brand en A.O. Muller.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0493 De slaaf ging naar het slavenhuis omdat zijn eigenaar hem gedreigd had dood te slaan als hij niet thuis zou komen. De slaaf had een briefje ontvangen en omdat hij vanwege zijn leeftijd dacht dat niemand de 200 rijksdaalders zou betalen die zijn eigenaar voor hem wilde hebben, ging hij naar de plantage van landbouwer Alewijn Smit. Deze Smit was een zwager van zijn eigenaar. De slaaf wilde hem vragen om een goed woordje voor hem te doen bij zijn eigenaar. Toen hij bij de plantage aankwam, was Smit in de molen, dus wachtte de slaaf tot hij terugkwam. Na veel smeken stemde Smit ermee in om met de slaaf mee te gaan naar diens eigenaar. Smit kwam te paard een uur eerder aan dan de slaaf.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0500 Een slaaf genaamd Jan Francies van Daalen uit 's-Hertogenbosch, 27 jaar oud en rooms-katholiek, verscheen voor de rechtbank van Kaap de Goede Hoop op 8 juni 1782. De zaak ging over een hemdrok met zilveren knopen die een slavin genaamd Flora, eigendom van brandmeester Jan Jacobs, al lange tijd van hem had zonder te betalen. Het document werd ondertekend door:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0489 Er werd een verklaring afgelegd in het Kasteel de Goede Hoop. De klerken Pieter Caspar Broedersz en Frederik Wilhelm Allemann waren hierbij getuige. Catharina Cornelisz gaf deze verklaring, die werd voorgelezen in aanwezigheid van Joan van Daalen. Ze bevestigde dat de verklaring volledig was en dat er niets aan toegevoegd of weggehaald moest worden. De secretaris C.L. Heetkling heeft dit bevestigd.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0488 Op 29 mei 1762 op de Kaap de Goede Hoop legde slavin Flora van Bengalen een verklaring af. Dit gebeurde in bijzijn van klerken Pieter Caspar Broedersz en Frederik Wilhelm Alloman als getuigen en secretaris C.L. Neethling. De verklaring werd woord voor woord voorgelezen aan Flora. Ze bevestigde haar eerdere verklaring over Jan van Daalen. Het incident vond ongeveer 2 maanden eerder plaats bij het huis van burger Melchard Lesch, waar op dat moment enkele Engelsen logeerden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0485 Het verslag gaat over een voorval bij de Kaap de Goede Hoop waar een vrouw verklaring aflegt. Ian van Daalen is aanwezig bij deze verklaring die op 5 juni 1762 wordt afgelegd. De klerk L.S. Faber ondertekent het document samen met commissieleden C. Brand en N.O. Muller. Op 7 juni 1762 verschijnt Katharina Cornelisz, de vrouw van voormalig smid Melchior Jus, voor secretaris Christiaan Ludolph Weethling. Ze legt een verklaring af op verzoek van onderkoopman Otto Luder Hemmij, die tijdelijk de functie van fiscaal vervult.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0486 Op 7 zag een slaaf genaamd Januari van de Kaap die bij de burger Jan Verlee woonde rond 16:00 uur, toen hij water haalde uit de sloot tussen de tuin van de Oost-Indische Compagnie en die van burger Michiel de Kok, iets opmerkelijks vanaf de straat.
Hannex had eerder verklaard dat hij de meid de hele dag niet had gezien en niet thuis was geweest. Hij was toen pas door Smuts geroepen. Men twijfelde aan de waarheid van zijn verklaring, wat later terecht bleek volgens twee verklaringen. De volgende dag werd echter ontdekt dat Batjoe geen schuld had aan deze moord, maar dat alleen de gevangene die hierboven genoemd wordt de wrede dader was.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0255 In februari bleek een wrede moord te zijn gepleegd op slavin Rachel van Bengalen, die eigendom was van burger Michiel Smuts Adriaansz. Het lichaam werd gevonden in een diepe sloot vol met begroeiing, net onder de tuin van Smuts. De verdenking viel op Batjoe van Timor, een slaaf die volgens geruchten ruzie had gehad met het slachtoffer.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0254 De pro-interim fiscaal (tijdelijke openbare aanklager) Otto Luder Hemmin heeft een aanklacht ingediend tegen Alexander van Mandhaar, die een slaaf was van de vrije zwarte man David de Oude. De aanklacht werd ingediend bij de president Pieter van Reede van Oudshoorn en de Raad van Justitie van het gouvernement. Van Mandhaar werd beschuldigd van moord en diefstal. In de aanklacht staat dat goddelijke rechtvaardigheid ervoor zorgt dat geheime misdaden niet altijd verborgen blijven maar uiteindelijk aan het licht komen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0253 Marthinus Smuts verklaarde op verzoek van Michiel de Kok dat hij sinds 2 jaar in zijn tuin in de Tafelvalleij woonde, naast die van De Kok. Hij zag daar slechts één watergeul en één dam waardoor het water uit de gemeenschappelijke molenwaterloop naar de tuin van De Kok werd geleid. Er waren geen tweede of derde geulen gegraven, wat bewezen werd door de met gras begroeide oever. Ook waren er geen tekenen van een tweede of derde dam. Smuts verklaarde bereid te zijn dit onder ede te bevestigen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0251 Op 5 februari 1762 kwam iemand voor secretaris Christiaan Ludolph Neethling van de rechtbank van het bestuur. Deze persoon verklaarde dat er aan de oever van een waterloop alleen gras en kweekgras groeide. Ook waren er geen sporen van een tweede of derde dam, maar alleen van de dam die er altijd al had gelegen. De verklaring werd afgelegd op het secretariaat van justitie van Kasteel de Goede Hoop, in aanwezigheid van klerken Jochem Hendrik Borgwedel en Jacob Forsinck als getuigen. De verklaring werd ondertekend door alle aanwezigen en de secretaris.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0250 Op de zondagmiddag na 16:00 uur haalde Hemmij, een slaaf van de weduwe van Christiaan Marik, die bij burger Jan Verlee woonde, water uit de sloot tussen de tuin van de Compagnie en die van burger Michiel de Kok. Hij zag Rachel, een slavin van burger Michiel Smuts Adriaanz, uit de straat komen waar boekhouder Schodt woonde. Zij droeg een mand onder haar arm en ging de straat op, gevolgd door een jonge slaaf genaamd Alexander.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0275 Op 8 februari 1762 werd bij de tuin van burger Michiel Smuts Adriaansz, gelegen onder de Leeuwenkop, in een sloot naast de tuin van burger Johannes Carnspek een lichaam naar buiten gesleept. Het lichaam werd op een rad gezet tot het door de vogels zou zijn opgegeten. Dit gebeurde samen met juridische kosten. Het document werd ondertekend door Otto Luder Hemmij en getoond aan de rechtbank op 25 februari 1762.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0270 Hij vertelde uit zichzelf waar het gebeurd was. Hij legde uit dat hij het meisje verwondde omdat ze niet wilde dat hij seks met haar had. Hij heeft haar eerst in haar hoofd gestoken, daarna aan haar haar getrokken en drie keer in haar rug gestoken. Vervolgens sleepte hij haar met het mes naar de sloot en duwde haar er met zijn voet in.
Alexander vroeg hem hoe het lichaam van het meisje in de sloot had gelegen. Hij antwoordde dat het meisje met haar hoofd richting het huis van Smuts lag, en met haar benen naar de brug. Een zoon van burger Dirk de Jong, wiens voornaam niet bekend is, kwam die zondagavond toen Rachel werd vermoord uit de tuin van Smuts met andere jongens. Zij vonden een groen mandje bij de sloot toen ze richting de tuin van Smuts liepen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0281 De zoon van de Jong heeft verklaard dat Alexander hem verteld had dat de vermoorde dienstmeid geen groente bij zich had toen ze werd aangevallen. Alexander wees de plek aan waar het meisje zich bevond toen hij haar aanviel. Deze plek bleek volgens de zoon van de Jong slechts 1 of 2 stappen van de brug te zijn. Bij onderzoek vond hij daar nog een bosje selderij. Op de vraag wat Alexander met de meid had gedaan, verklaarde hij dat hij na de moord, toen hij terugliep richting Kaap, het lichaam in de bosjes bij de brug tussen de tuinen had gegooid. De onderzoeker heeft hiervan een officieel rapport opgemaakt voor de rechter.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0282 Op 18 februari 1762 werd in het kasteel in De Goede Hoop een verklaring afgelegd. Dit gebeurde in aanwezigheid van de klerken Jochem Hendrik Borgweedel en Pieter Caspar Broedersz als getuigen. Jan Jacob Doeksteen bevestigde zijn eerder gegeven verklaring, die hem woord voor woord was voorgelezen. Hij verklaarde in aanwezigheid van de slaaf Alexander dat alles wat hij had gezegd de volledige waarheid was en dat er niets aan toegevoegd of vanaf gehaald moest worden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0283 Op 19 februari 1762 verscheen voor Christiaan Ludolph Neethling, secretaris van de rechtbank van Goede Hoop, de burger Johannes Dempers. Op verzoek van onderkoopman Otto Luder Hemmij, die tijdelijk het ambt van officier van justitie vervulde, verklaarde hij het volgende:
Ongeveer 8 dagen eerder had de gerechtsdienaar een slaaf genaamd Alexander naar de plaats van een moord gebracht. Deze Alexander werd beschuldigd van moord op Rachel, een slavin van burger Michiel Smuts.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0284 Toen ze langs de plek liepen waar het vermoorde lichaam had gelegen, ging Alexander zo'n 20 stappen voorbij de echte plek. Toen hij opnieuw gevraagd werd waar de plek was, wees hij naar een kale helling. De verteller had eerder gezegd dat er bosjes en bomen op de plek stonden, maar de aangewezen plek was helemaal kaal zonder begroeiing. Hij beschuldigde Alexander van liegen en gaf hem 2 of 3 klappen. Alexander deinsde zo'n 6 stappen achteruit terwijl hij zei dat hij zich vergist had. Hij wees daarna nog twee andere plekken aan, maar de verteller zag dat Alexander hem voor de gek hield en sprak hem streng toe.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0280 Op 5 juni 1762 in de Kaap de Goede Hoop werd een verklaring afgelegd door de slavin Flora van Bengalen. Ze was eigendom van brandmeester Jan Jacobss. Dit deed ze op verzoek van Otto Luder Hemmij, die tijdelijk als openbaar aanklager werkte. Flora verklaarde dat toen haar eigenaren niet thuis waren, rond 7 uur 's avonds de schoenmaker Jan van Daalen bij het huis kwam. Ze had eerder een relatie met hem gehad, maar nu leefden ze in vijandschap.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0483 De slavin Roseleijn uit Makassar en de slaaf Alexander uit Vlaanderen verschenen voor de rechtbank in het Kasteel van Kaap de Goede Hoop op 17 februari 1762. Roseleijn bevestigde haar eerdere verklaring, die haar was voorgelezen. Ze gaf aan dat alles de waarheid was en dat er niets aan toegevoegd of weggehaald moest worden. De secretaris C.L. Neethling heeft dit bevestigd.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0304 Op 10 juni 1762 werd er een verklaring afgelegd door Hendrik Joachimus Sacots, die 13 jaar oud was. Hij verklaarde dat op de dag ervoor, toen zijn vader (burger-brandmeester Jan Jacobsz) samen met zijn moeder bij de buurman Hendrik Kruger was, hij thuis was met zijn twee jongere broers en één zus. Ze waren in het huis van zijn vader in de slavenkamer, samen met twee slavinnen (één volwassene en één kind).
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 10962 / 0480 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/