Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
De slaaf Caesar van Batavia, eigendom van landbouwer Christoffel Groenewalt, vertelde op verzoek van landdrost Pieter Lourensz het volgende:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0977 De landbouwer Christoffel Groenewald werd aangeklaagd door landdrost Pieter Lourensz bij rechtbankvoorzitter Rijk Tulbagh in het kasteel van Kaap de Goede Hoop. In de maand juni hadden twee slaven, Casar en September, bij belastingambtenaar Pieter Reede van Outshoorn geklaagd dat hun eigenaar een andere slaaf genaamd Philip uit Batavia zodanig had geslagen dat hij was overleden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0959 Cozijn de Bruijn van 24 jaar oud, die uit Kaap de Goede Hoop kwam, was matroos op het retourschip Dregterland. Op 2 maart was hij bij de woningen van burgers Jan Ackerman en Carel Otto van Hlaan. Daar kwam matroos Abraham Gerritsz hem waarschuwen dat de boot al volgeladen was en ze terug naar het schip moesten. De Bruijn wilde echter eerst zijn maat ophalen bij het huis van burger Frans Henderick Mark, zoals hij had beloofd. Gerritsz wilde hier niet op wachten.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0951 De chirurg Honnoratus Maijnier verklaarde op verzoek van landdrost Pieter Lourensz dat hij op 23 juni in Stellenbosch een onderzoek heeft uitgevoerd. Dit gebeurde in aanwezigheid van de landdrost en twee heemraden, Gerard van der Bijl en Jacob Cloeten. Het onderzoek vond plaats bij het huis van burger Christophel Groenewald en betrof het lichaam van zijn overleden slaaf Philip van Batavia.
Bij de lijkschouwing werd het volgende gevonden:
De chirurg concludeerde dat deze verwondingen dodelijk waren. Hij verklaarde zich bereid dit onder ede te bevestigen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0973 De chirurg Honnoratus Maijneer verklaart op verzoek van de hoofdbestuurder Pieter Lourensz dat hij in juni samen met de lokale bestuurders Gerard Vander Bijl en Jacob Cloeten naar het huis van burger Christophel Groenewald in Stellenbosch is gegaan. Daar onderzocht hij het lichaam van een overleden slaaf genaamd Philip van Batavia, die eigendom was van Groenewald.
Bij het onderzoek vond de chirurg:
De verwondingen waren dodelijk. Dit verklaarde hij op 23 juni in Stellenbosch en hij was bereid dit onder ede te bevestigen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0971 Pieter Reede Van Oudthoorn, de belastingambtenaar van het bestuur, heeft een rechtszaak aangespannen tegen Izart Cornelisz uit Sapendregt. Cornelisz was matroos op het schip de Ida en wordt beschuldigd van geweld en diefstal op de openbare weg. De zaak werd voorgelegd aan gouverneur Rijk Tulbagh en de rechtbank in Kaap de Goede Hoop. Er zijn verschillende bewijsstukken en een bekentenis van de verdachte verzameld onder de labels A tot en met F.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0277 De boer Mattijs Greeff verscheen voor de afgevaardigden van de raad van justitie van het bestuur. Na het voorlezen van zijn verklaring bevestigde hij dat deze volledig juist was. Hij wilde er niets aan toevoegen of vanaf halen en verklaarde dat alles de zuivere waarheid bevatte. Dit gebeurde in Kaap de Goede Hoop op 5 maart 1744. De verklaring werd ondertekend door de raadsleden N. Heyning en J.P. Chehn, samen met Mattijs Greeff zelf en de secretaris Tiermondot. A.D. Sthoor bevestigde dat dit document overeenkwam met het origineel.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0275 Mattijs Greeff, een landbouwer, heeft aan Pieter reede van Oudshoorn, de onafhankelijke aanklager, het volgende verklaard: Op donderdag 6 februari kwam hij 's ochtends van de Kaap terug naar zijn boerderij bij de Klipheuwel. Na het eten ging hij even liggen rusten. Rond 4 uur 's middags ging zijn slavin Flora van de Kaap naar het slavenhuis om vuur te halen voor de keuken van het woonhuis. Ze deed gloeiende kolen in een hoorn van een koe en ging daarmee naar een stapel gerst die op het erf stond. Ze wilde wat stro pakken om makkelijker vuur te kunnen maken in de keuken. Ze legde het stro en de hoorn met vuur bij een hoek van de stal neer. Daarna ging ze naar de schuur naast de stal om voer voor de kippen te halen. Toen ze terugkwam zag ze dat door de sterke oostenwind:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0273 Flora van de Caiab, een 14-jarige slavin van landbouwer Mattijs Greeff, heeft een verklaring afgelegd voor de rechtbank. De aanklager was Pieter reede van Oud Hhoorn. Flora vertelde dat ze ongeveer een maand geleden vuur wilde maken in de keuken van het woonhuis van haar meester. Ze ging naar het slavenhuis om vuur te halen in een hoorn van een dier. Daarna ging ze naar een gerstberg om wat stro te pakken om het vuur beter te laten branden. Ze legde de hoorn met vuur op een hoek van de stal neer en ging naar de schuur ernaast om veevoer te halen. Toen ze terugkwam zag ze dat door de sterke oostenwind het vuur uit de hoorn was verspreid. De stal stond al van onderen in brand en er waren vonken op het dak gewaaid die ook al brandden. Flora probeerde het vuur te blussen, maar kon dat niet alleen omdat de andere slaven ver weg aan het werk waren. Daarom rende ze naar haar meester die nog in bed lag om hem te waarschuwen dat de hoek in brand stond. Haar meester sprong direct op om te proberen de brand te blussen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0269 De rechtbank in het Kasteel de Goede Hoop heeft op 13 maart 1744 een uitspraak gedaan. De straf werd op 14 maart 1744 uitgevoerd. De uitspraak werd ondertekend door een groep bestuurders en rechters:
De secretaris C Siemmendoof was aanwezig. Het document werd ook nog goedgekeurd door H poellengre, A Schoor en Gem Eleriq.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0268 Op zaterdag 22 februari bleek uit de bekentenis van Tarkat van Timor, een 30-jarige slaaf van oud-raadslid Abraham Cloppenburg, het volgende: Toen zijn meester rond 10 uur 's avonds thuiskwam, ging deze eerst naar de kamer van zijn vrouw. Daarna kwam hij naar Tarkat in de voorkamer, waar deze de tafel had gedekt. De meester vroeg waarom het eten niet op tafel stond. Toen Tarkat antwoordde dat zijn meester dat nog niet had opgedragen, greep deze hem bij zijn haar. Na hem enkele klappen in het gezicht te hebben gegeven, bracht hij Tarkat naar de keuken. Daar gaf hij andere slaven opdracht om Tarkat uit te kleden en hem aan een paal vast te binden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0261 Op 10 maart 1744 legde de slavin Flora van de Kaap een verklaring af voor de raadsleden Heijning en Jan Prehn. Deze verklaring werd officieel vastgelegd door secretaris P.J. Tiemmendorff. Op 11 maart 1744 werd de verklaring voorgelezen aan Flora in aanwezigheid van de raadsleden Van Kerkhoff en Prehn. Flora bevestigde dat alles de waarheid was en er niets aan toegevoegd of verwijderd hoefde te worden.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0270 Pieter Reede van Oudshoorn diende als officier van justitie een aanklacht in bij de president Rijk Tulbag en de rechtbank van Kaap de Goede Hoop. De zaak betrof een slaaf genaamd Fortuijn van Maccasser, die eigendom was van burger Augustinus Coebergen. Fortuijn werd beschuldigd van huishoudelijke diefstal. De aanklager overhandigde drie documenten als bewijs:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0163 De scheepschirurg Leendert Sisimus heeft op 2 januari 1744 in de gevangenis de zeelieden Jan Lion uit Luik en Christoffel Iansz uit Colbergen onderzocht en behandeld. Jan Lion had drie verwondingen:
Christoffel Iansz had twee verwondingen:
Alle verwondingen waren door geweld veroorzaakt maar niet ernstig. De mannen werden daarna in het ziekenhuis behandeld tot ze hersteld waren. Dit werd vastgelegd aan de Kaap de Goede Hoop op 11 januari 1744 op verzoek van de heer J. Schoor.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0159 De getuige verklaart dat hij rond 21:00 uur 's avonds in een huis was waar een ruzie plaatsvond. Hij kent iemand genaamd Christofel maar woont daar niet. Bij de ruzie waren verschillende mensen betrokken, waaronder:
De ruzie ontstond over een schelling (munt) die verschuldigd was aan de tamboer. De soldaten hadden ook twee flessen wijn besteld, één rode en één witte. De getuige weet niet precies wie er allemaal bij betrokken waren en heeft niet met hen gedronken.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0148 Hans Lendenkam van Kopenhagen is een 26-jarige Lutherse bootsman. Hij werkte eerst op een Engels handelsschip en is nu werkzaam op de werf. Op de vragen van het gerechtshof van Justitie gaf hij antwoorden in aanwezigheid van de onafhankelijke aanklager Pieter Reede van Oudhoorn. Het ging over een gebeurtenis die plaatsvond in de kroeg van Roelof van der Buk, waar Dirk Pleijn uit Zutphen als tapper werkte.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0147
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0144 Eerst sprong een man uit het raam, gevolgd door een andere matroos die zich ook in het huis had verstopt. Deze matroos had een lange stok gepakt uit een hoek van een kamer. Ze zijn uit het raam gesprongen, waarop zij met twee stokken probeerden om ze bij de deur weg te krijgen. Ze waren namelijk bang dat de mannen hen met stenen of messen zouden aanvallen.
De matroos, die in het dagelijks leven Hans de Engels werd genoemd, was op de werf. Zij zijn maar één keer uit het huis geweest. Een van hen heeft de matroos enkele klappen met een stok gegeven omdat deze matroos op hem afkwam. Hij was bang dat de matroos hem met een mes zou verwonden. De matroos had eerder bij hem aangedrongen en wilde niet weggaan, waarna hij hem met die stok heeft geslagen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0140 De getuige verklaart dat hij de tweede matroos buiten het kantoor heeft gezet en de deur achter hem heeft gesloten. Toen de matroos buiten stond smeekte hij om weer binnen te mogen komen. Hij wilde weten of de matroos buiten moest blijven staan of weer naar binnen mocht komen. Daarna is de soldaat alleen weer naar binnen gegaan, waar een andere soldaat was achtergebleven die een glas wijn zat te drinken.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0139 Rond half 11 uur heeft een matroos ruzie gemaakt bij een huis. Hij was samen met 3 andere mensen buiten gesloten. De matroos heeft toen:
De persoon binnen is niet naar de deur gegaan maar uit een raam aan de achterkant gesprongen, via de zijkant van het huis.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0136 Christoffel Tan had een ruzie over geld met een matroos. De matroos was hem een schelling schuldig voor een halve fles wijn die hij op kerstdag had beloofd te betalen. Terwijl er andere mensen aan het dansen waren, heeft Tan deze schelling van de matroos geëist. Er was ook een discussie tussen 4 personen over hoeveel flessen wijn ze samen hadden gedronken.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0134 Isabella parera, de vrouw van majoor Adriaen Anthonisz, heeft voor de rechtbank in Batavia een verklaring afgelegd. Ze vertelde dat ongeveer 7 jaar geleden, toen ze bij fort Diamant woonde, haar stiefdochter Annica door haar man ongepast werd behandeld. Annica wilde niet bij hem zijn en een slavin vertelde dit aan Isabella.
Isabella werd jaloers en stuurde haar dochter het huis uit. Toen Annica later terugkwam, ging het ongepaste gedrag door. Recent heeft Annica op haar sterfbed bekend dat ze seks had gehad met Adriaen. Ze vroeg haar stiefmoeder om vergiffenis.
Door deze gebeurtenissen kreeg Isabella een afkeer van haar man. Ze begon ongeveer 8 maanden geleden een relatie met Joan Ferdinandes, een mesties. Vier maanden voor de dood van Annica vroeg Joan haar om met hem via Solor naar de Filipijnen te vluchten. Ze weigerde eerst.
Na Annica's dood en meerdere verzoeken van Joan stemde Isabella toe. Ze was bang voor:
Ruim een maand voor haar verklaring maakten ze vluchtplannen. Op zondag 28 maart zou Steven Tomes, een vrijgemaakte Filippijn, haar 's avonds ophalen in ruil voor 30 realen of een slavin. Joan had zaterdag al haar sieraden en kostbaarheden ingepakt. Maar Steven kwam zondag niet opdagen en de vluchtpoging mislukte.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 9339 / 0259 Op nieuwjaarsdag rond half 9 's avonds kwamen er 4 personen om te drinken. Dit waren onder andere:
De ondervraagde persoon kon zich niet alle namen herinneren omdat mensen kwamen en gingen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0132 Voor de rechtbank van het gouvernement verscheen Dirk Reijn uit Zutphen. Hij was 30 jaar oud en volgde het gereformeerde geloof. Hij werkte als tamboer in het kasteel. Daarvoor was hij werkzaam als schoenmakers knecht bij de burger Roeloff van der Burg aan de Kaap, waar hij woonde tegenover diens huis.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0131 Er woonde een dienstmeisje, Rosetta Gent, bij een man. De man herinnerde zich niet hoeveel wijn er gedronken was en hoe lang ze bleven. Het was in ieder geval tot de burgerwacht kwam. Hij wist ook niet of iemand van de 4 mensen tijdens het drinken was gaan dansen. Ze hadden 2 flessen wijn besteld, 1 rode en 1 witte wijn, en dronken die met het vrouwelijke huispersoneel.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 11016 / 0133 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/