Gebruikers van Open Archieven kunnen van de via tekst- (OCR) en handschriftherkenning (HTR) tot stand gekomen herkende teksten (transcripties) een samenvatting laten maken. Beide kunstmatige intelligentie taken zijn niet perfect, maar vaak ruim voldoende zodat het historische document begrijpelijk wordt. In de transcripties zijn namen groen onderstreept en klikbaar (om de persoonsvermeldingen op Open Archieven op de betreffende naam te doorzoeken), de herkende datums hebben een licht grijze achtergrond en herkende plaatsnamen hebben een licht paarse achtergrond. De resultaten van de toepassing van (Europese) kunstmatige intelligentie zijn niet gecontroleerd door een mens.
In een testament uit 1656 in Amsterdam regelden meerdere echtelieden dat na overlijden van één van hen alle bezittingen gelijk verdeeld zouden worden tussen de langstlevende echtgenoot en de erfgenamen van de overledene.
Op 21 oktober 1656 maakte Anna Hustaert, weduwe van Guilliam van Nieulandt, haar testament op. Ze was ziek maar helder van geest. Ze verklaarde dat haar dochter Constantia van Nieulandt (weduwe van Adriaen van Uijtrecht) haar erfenis van haar vader al had ontvangen plus extra geld.
Ze liet na aan:
Na haar overlijden moest al haar zilver- en tinwerk verkocht worden ten behoeve van haar erfgenamen.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 965064 / 70 Adriaen van Nieulandt en Balthalar Hendricksz kerckhem waren voogden van de minderjarige erfgenamen van Anna Hustaert (weduwe van Guilliam van Nieulandt). Ze verschenen voor notaris David Doornick in Amsterdam. Ze droegen een schuldbrief ter waarde van 450 gulden over aan notaris Pieter de Barij. Deze schuldbrief was oorspronkelijk van Johannes Pax en Arent Jansz van Meeden aan Anna Hustaert, gedateerd 1 februari 1652. Pieter de Barij had het volledige bedrag betaald, inclusief achterstallige rente. Hij kreeg hiermee alle rechten over de schuldbrief.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 965059 / 660 Op 19 oktober 1637 liet de notaris een stuk betekenen over een ruzie waarbij een vrouw haar stiefvader ervan beschuldigde dat hij in Duitsland had gestolen van zijn baas. De zaak speelde zich af in Amsterdam.
In deze zaak waren onder anderen betrokken:
Op 5 november van dat jaar antwoordde Jacques Carpentier dat hij voor de heren zou verschijnen om te reageren op de beschuldigingen. Er was ook sprake van een kist die naar Keulen verstuurd had moeten worden.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510997 / 58 Op 24 oktober 1631 verschenen voor notaris Willem Cluijt in Amsterdam de schilder Guilliam van Nieuwlandt en zijn vrouw Anna Hustart. Guilliam lag ziek in bed maar kon nog goed spreken. Ze wilden hun testament van 22 april 1634 wijzigen.
De belangrijkste wijzigingen waren:
De akte werd getekend in hun huis aan de Nieuwezijds Achterburgwal, in het pand met de naam 'De Vergulde Engel'.
Op een latere datum verscheen Isaack Fernands, een 28-jarige lakenwerker, voor dezelfde notaris om een verklaring af te leggen over een geschil tussen Jan vanden Bogaert en David de Marees over de betaling van geverfde lakens.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510997 / 59 De testatrice (erflaatster) maakt haar testament op met de volgende hoofdpunten:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 965064 / 71 Het document uit februari-maart 1858 gaat over het werven van personeel voor openbare werken in Nederlands-Indië. De belangrijkste punten:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 2.10.02 / 5670 / 0348 Gerard Schaep Pietersz heeft in februari 1653 een beschrijving gemaakt van schilderijen die in de doelens van Amsterdam bewaard werden. Hij deed dit na zijn terugkeer in Amsterdam. In het document beschreef hij vooral schuttersstukken. Hij vond het belangrijk dat de portretten en namen van belangrijke personen en families uit de geschiedenis van Amsterdam bewaard bleven voor toekomstige generaties.
Een afbeelding door Salomon Savery uit 1638 toont hoe vier Amsterdamse burgemeesters afscheid nemen van Maria de' Medici op de Dam tussen het oude stadhuis en de Waag.
De oorspronkelijke documenten zijn terug te vinden in het Stadsarchief Amsterdam en de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag.
De beschrijving bevat verwijzingen naar werken van verschillende kunstenaars:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 3586524 / 59 Op 10 december 1519 heeft Adriaen van Nieulandt, gemachtigd door Baiken Schepers (weduwe van Thomas Raes), een huis verkocht aan Niclaes vande Ses. Dit huis stond aan de Oude Engel bij de Gasthuismolenbrug. De buren waren Hans vanden Endg aan de noordzijde en Dirck Willemsz (binnenlandsvaerder) aan de zuidzijde.
De verkoopprijs was 5000 carolus gulden. De betaling werd als volgt geregeld:
De overdracht zou plaatsvinden in mei 1520. Beide partijen zouden dan de nodige papieren ondertekenen volgens de gewoonten van de stad.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1510480 / 34 Op 8 mei 1780 werd een advies besproken over een verzoek van koopman Jan Jacob Crol uit Amsterdam. Het ging over een plantage genaamd de Goede Vriendschap in Suriname, gelegen aan de Commewyne rivier tussen de plantages Marienbosch en Schaapsteede. De plantage was eigendom van George Andries Kermann (voor de helft) en George Andries Kermann en Hendrik Christoffel Kermann als voogden over de minderjarige erfgenamen van Johannes Sohn (voor de andere helft).
Het verzoek hield in dat Jan Reedegelt de plantage alleen mocht verkopen als de koper de bestaande hypotheek van 50.000 gulden zou overnemen. Dit werd goedgekeurd.
Ook werden twee andere verzoeken behandeld:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.01.02 / 3835 / 0357 De tekst beschrijft een opstand van slaven in een kolonie. Op 6 december begon een groep rebellen met een plan. De slaven Quasje (of August) en Adje (of September) verzamelden zich op plantage Overijssel. De slaven Ian en Begin werden door Amoe naar suikerplantage de Dankbaarheid gestuurd om een trommel te halen, wat geweigerd werd.
Vroeg in de ochtend gingen de slaven naar koffieplantage de Dankbaarheid. Ze vermoordden daar de tuinman Herman Weijnsmeier en stalen wapens en munitie. Een van de slaven ging naar zijn meester Johannes Backer om hem te waarschuwen. De slaaf Adam, die bij Backer in dienst was, werd samen met de andere slaaf naar Van Staden gestuurd om informatie in te winnen.
Na terugkomst bij de rebellen op de Dankbaarheid kreeg de slaaf ruzie met Amoe over zijn late terugkeer. Ze gingen vervolgens naar plantage Bestendigheid om directeur Redegeld te vermoorden, maar die was al gevlucht. De slaven Adji en Ian zochten tevergeefs naar wapens.
Daarna trok de groep naar plantage 's Gravenhagen om directeur Vincent Conrad en zijn familie aan te vallen. De slaven van 's Gravenhagen probeerden Conrad en zijn familie te redden door hen in een jacht te laten vluchten. Adje, een van de leiders samen met Amoe, probeerde met een geweer de vlucht te verhinderen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.21 / AB.3.82 / 0139 In deze personeelslijst staan medewerkers van de VOC vermeld met hun standplaatsen en salarissen. De volgende personen worden genoemd:
Daarnaast worden als boekhouders en assistenten genoemd:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.04.02 / 1431 / 0960 Dit lijkt een lijst met namen en bedragen uit een historische administratie uit de Grave straat en Heere straat in een Nederlandse stad. De lijst bevat:
Bij elke naam staat een bedrag vermeld in guldens, variërend van 100 tot 2880 gulden. Sommige personen hebben meerdere vermeldingen met de aanduiding "Idem" (betekent: dezelfde).
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.03 / 196 / 0190 Dit is een lijst van eigenaren en waarden van onroerend goed in de Heerenstraat, vanaf het Plein. De lijst bevat:
De lijst vermeldt verder verschillende andere eigenaren, waaronder de Portugees-Joodse Kerk, diverse weduwen en erfgenamen. De waarden van de panden variëren van 100 tot 2500.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.03 / 196 / 0197 Dit is een lijst van juridische handelingen die plaatsvonden in april en mei (waarschijnlijk 1700-tal). Het gaat om:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1486106 / 612 Adriaen van Nieulandt schilderde in 1633 een optocht van leprapatiënten op de Dam in Amsterdam. Het schilderij laat een historische gebeurtenis zien, want de laatste optocht vond plaats in 1604. De kunstenaar toonde het oude stadhuis zoals het eruitzag tussen 1597 en 1615. Hij kleedde de mensen in ouderwetse kleding.
De inspiratie voor dit schilderij kwam mogelijk van een andere afbeelding van een schuttersoptocht op de Dam uit ongeveer 1620. Net als bij dat schilderij verbreedde Van Nieulandt de compositie naar links. Hij was beter in het schilderen van mensen en perspectief dan de onbekende maker van het schuttersschilderij.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 3586492 / 82 Dit is een voorbeeld van een administratief register uit augustus en september met verschillende soorten zakelijke en juridische documenten. Het bevat:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1486034 / 445 Een gevangene had zich verstopt in het bos achter koffiebomen op de plantage Bestemilliet. Hoewel hij ontkende, was hij volgens zijn handlangers Hoe, Claus en Cartien schuldig aan de moord op de man Weijnsmeier. Hij pleegde een reeks ernstige overtredingen:
De rechtbank onder leiding van voorzitter Jacob Broekhuijzen besloot dat hij streng gestraft moest worden als voorbeeld voor andere slaven. Het vonnis werd op 24 en 25 januari 1782 vastgesteld en op 26 januari 1782 uitgesproken in fort Nassau.
De straf hield in dat hij:
De plantage Vrouwe Ohanna moest de kosten van het proces en de gevangenschap betalen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.21 / AB.3.82 / 0161 De slaaf Corar van plantage Vrouw Johanna, die eigendom was van Johannes Bakker, heeft voor de rechtbank (Politie en Criminele Justitie) bekend dat hij samen met andere slaven had samengezworen. Hij vertelde dat hij, als een slaaf van Ammina afkomst, met andere slaven had afgesproken om in opstand te komen.
De betrokken slaven waren:
Hun plan was om wapens, kruit en lood te bemachtigen en alle blanken en slaven die hen zouden tegenwerken te doden. Op 3 december van het voorgaande jaar kwamen ze samen in de tuinen van plantage Ruimzigt om de details van hun opstand te bespreken. Ze besloten om hun plan de volgende ochtend vroeg, op 6 december, uit te voeren.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.21 / AB.3.82 / 0158 De gevangene was samen met andere gevluchte tot slaaf gemaakten waaronder Bootsman, August en Adris naar de plantage Arrissel gegaan. De tot slaaf gemaakten Jan en Begin waren door Amoe naar de suikerplantage Dankbaarheid gestuurd om een trommel te halen, maar dit werd geweigerd door andere tot slaaf gemaakten. De volgende ochtend vroeg gingen ze naar de koffieplantage Dankbaarheid om daar te beginnen. Amoe en Adje (ook bekend als September) waren de leiders. Ze hadden gezworen elkaar een hoofd van een witte persoon te bezorgen. Ze gebruikten krijt als teken van hun Amina-eed voor het vechten. Bij de drogerij van meneer Van den Broek vonden ze de tuinman Herman Weynsmeier. De aanval verliep als volgt:
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.21 / AB.3.82 / 0159 De slaven Adje (ook September genoemd), Claas en anderen overmeesterden de wapens, het kruit, kogels en kapmessen bij de plaatsopzichter te Malaken. Ze braken eerst de opslagkamer van meneer van den Broek open. Adje hield een geweer voor zichzelf en wat kruit en kogels. Claas gaf de rest aan Amoe. Na de wapenroof gingen de opstandelingen, waaronder:
Ze gingen naar plantage Bestendieheidt om directeur Redegeld te vermoorden en zijn wapens te stelen. Toen ze aankwamen was Redegeld al gevlucht. Adje en Jan zochten tevergeefs naar wapens in het huis. Daarna trokken ze naar plantage Hooivoyen om directeur Conjion en zijn familie te vermoorden. Bij plantage 's Graavenhage probeerde eigenaar Vincent Conrad met zijn familie te vluchten per boot. Adje en Amde, de leiders, probeerden met een geweer de vlucht te verhinderen. De opzichters Pieter en Samson en andere gewapende slaven hielden Adje tegen. In het vuurgevecht dat volgde raakte opzichter Pieter dodelijk gewond aan zijn hoofd. Opzichter Samson en anderen namen Adje gevangen en onthoofdden hem direct. Dit betekende het einde van de opstand.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.21 / AB.3.82 / 0160 Op 26 oktober 1760 verscheen Christian Hendrik Assenbrennars voor klerk Christian Willem Koster in Suriname. Assenbrennars was ziek en lag in bed, maar was nog helder van geest. Hij gaf een geschreven testament dat op 7 plaatsen verzegeld moest worden. Hij benoemde twee uitvoerders van zijn testament:
Zij kregen volledige macht over de erfenis en mochten indien nodig anderen aanstellen. De weeskamer werd uitgesloten van bemoeienis met de erfenis. Het testament werd voorgelezen aan Assenbrennars, die bevestigde dat dit zijn laatste wil was. Dit gebeurde op plantage Pietersburg in aanwezigheid van getuigen:
Het document werd geregistreerd op 16 oktober 1761. Bij het verzegelen waren Jan Christ. Wilffert en Jean Francois Perret aanwezig als getuigen.
Bekijk transcriptie NL-HaNA / 1.05.11.14 / 677 / 0250 Op 26 oktober regelde Gysbert van Bork namens Bontekoning & Aukes de verkoop van een slavin en haar kind aan Walter Kennede. Er vonden verschillende geldtransacties plaats tussen:
De erfgenamen van Simon Scheltes droegen een scheepsaandeel over aan Theumis Brandari. De nalatenschap van Anna Helena Zeelen werd geïnventariseerd.
Elizabeth Chaille gaf volmacht aan Burton, Ferber en gregori. Op 27 oktober sloot Mr. Frans Ewout Becker een contract met Johannes Vrie.
Philip Moilives van der Noot droeg een schuldbewijs over aan Aaltje Nieuwland, weduwe van Hendrik Muld. Op 2 november verkocht Lambertus Stolk een schip aan Arend Bruyning.
Op 5 november werd het testament van Jacobus Peterson en Margareta Peterson opgesteld. Op 6 november werden de huwelijkse voorwaarden van Anthonie Ten Bosch en Geertrui Beernt vastgelegd.
Hilletje Jans Nagtegaal, weduwe van Dirk gesken, werd aangesteld als executeur-voogd. Dirk Volkersz legde een verklaring af als kapitein.
Diverse handelaren en bedrijven dienden wisselprotesten in, waaronder:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 1486107 / 485 Na het overlijden van een persoon werd op 15 juni 1656 een document opgesteld met de volgende schulden en bezittingen:
De nog te betalen schulden waren:
Dit document werd in Amsterdam op 17 november 1656 ondertekend door Maeijcken Labis, Adriaen van Nieuland, Catarina Mostaert Kerckhems, Hendrik Tieboel en Willem Benningh.
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 921529 / 114 Een overzicht van bezittingen en documenten waarbij onder andere:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 921529 / 113 Dit is een lijst van bezittingen die na het overlijden van Anna Hustaert zijn opgetekend. Anna Hustaert was de weduwe van kunstschilder Guilliam van Nieulandt. De lijst is gemaakt door Maijcke Labis, die dienstmeid was bij Anna Hustaert. Dit gebeurde op verzoek van Adriaen van Nieulandt en Balthazar Hendricksz Kerckhem, die als uitvoerders van het testament en voogden over de minderjarige erfgenamen waren aangesteld. De inventaris is opgemaakt in aanwezigheid van notaris David Doornick.
De lijst bevat:
Bekijk transcriptie NL-AsdSAA / 921529 / 112 Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/