MINISTERIE VAN BINNENLANDSCHE ZAKEN
Nr. 3934 Afd. B. B (Bureau Bestuurszaken)
Betreffende: Politieke delinquenten. ;
’s-Gravenhage, 28 Maart 1946.
-Ê )’
Naar mij van de zijde der „Stichting Toezicht Politieke De—
linquenten” wordt medegedeld, komt het meermalen voor, dat
gemeentelijke instanties aan in vrijheid gestelde politieke delin—
quenten moeilijkheden in den weg leggen, welke beschouwd
moeten worden als een uitvloeisel van een bepaalde gezindheid
ten aanzien van deze categorie van personen.
Het behoeft geen betoog. dat een zoodanige houding ten
aanzien van personen, die door de terzake bevoegde instanties
in de maatschappij worden teruggebracht, onjuist is en te meer
afkeuring verdient, indien zij door overheidsinstanties wordt
ingenomen.
lk zal het dan ook op prijs stellen, indien U er op wilt toe—
_ zien, dat de daarvoor in aanmerking komende organen en amb-
tenaren Uwer gemeente zich van een optreden, als bovenbe-
doeld, onthouden.
Coll. Ve
‘. De Minister van Binnenlandsehe Zaken,
BEEL.
Aan
Heeren Burgemeesters.
@ 73034 5