
de eisers stellen dat er tussen hen en de gedaagde in 1550 een geschil is geweest betreffende de door Suerdt nagelaten goederen. Daarbij is in zoverre geprocedeerd dat bij vonnis van dit gerecht van 23-9 gedaagde veroordeeld is aan de eiser zekere goederen te leveren. Na "toespreken" van Eling Hoettijes en Rijoerdt Wibes en na "toespreken" van Johannes Jeltes en Dijerck Pieters (één der eisers) is overeen gekomen dat de gedaagde aan de eiser(s) gg 315 zou uitkeren, waarvan de gedaagde nog maar gg 215 betaald heeft dus krijgen de eisers nog gg 100. Dus moesten de eisers een justitiële voorziening vragen en de gedaagde laten dagvaarden om deze gg 100 te verkrijgen met alle onkosten sinds 21-4-1551 onder aftrek van gg 1 die Simon Reijners (Sneek) namens de gedaagde betaald heeft. Gedaagde bevestigd de betaling van de gg 215 en stelt dat zij voor de resterende gg 100 deze schuld aan een andere debiteur overgedragen heeft in haar plaats n.l. Simen Reijners, die deze schuld aangenomen heeft te voldoen, waarmee de eisers tevreden waren en beloofden haar hiervan te kwiteren. Daarom hebben zij gedaagde ook niet lastig gevallen, want ze hadden van Simen al geld gekregen. Daaruit blijkt dat gedaagde hiervan vrijgesteld is. Het proces bevond zich in feiten contrarie, waarbij bij tussenvonnis aanvullend bewijs is toegelaten, waarop getuigenverklaringen ingebracht zijn. Het gerecht verklaart de eisers in hun eis en conclusie vooralsnog niet ontvankelijk en verdeelt de proceskosten.
AlleFriezen te Leeuwarden, Nedergerechten
Nedergerecht Wijmbritseradeel - Tresoar, Deel: 025, Periode: 1555-1560, Wijmbritseradeel, archief 13-45, inventarisnummer 025, 18 juni 1558, Sententieboeken, folio 266
Zoek uw voorouders en publiceer uw stamboom op Genealogie Online via https://www.genealogieonline.nl/
Bedankt, uw commentaar is opgeslagen.