
Partij 1.1, schepen tot Chaem, met huysvrouw 1.2, woonende tot Chaem, zijn de som debet aen 2.1, wed van 2.2, brouwster alhier tot Breda. IN MARGE 1: Compareerde monsieur Johannes Cluytens, borger en coopman in wijnen tot Breda voor hem selven, mitsgaders als vgd van sijn susters kind, alsmede joffr Johanna Cluytens voor haer selven en namens haere mede erffg en verclaerden dat wegens de erffg van debiteuren in dese betaelt is een somme van duysent gld mette verloopen intrest van dien, en dat sulcx alnu resteert de somme van 800 gld waer van de comende intrest betaelt sal moeten werden tegen 4 procent; en verklaerde sij comparanten de 3 gesuplinieerde (= onderlijnde) parcheelen lant (goederen B t.e.m D) nu vercoft en op heden overgevest geheel en al te ontslaen en hen verders gecontenteert houdende met goed A. Actum 1709/07/01. IN MARGE 2: Quamen de comparanten als in vorenstaende cassatie (= in marge 1) en hebben verklaert dat de erffg van den debiteur aen hen voldaen hebben de resterende 800 gld met alle verloopen intresten van dien. Actum 1711/02/06.
Stadtarchiv Breda in Breda, Vestbrieven
Schepenbank Breda 1499-1811, Bron: boek, Teil: 775, Zeitraum: 1674-1684, Alphen en Chaam, Inventarnummer 775, 28. November 1681, Vestbrieven Alphen en Chaam 1674-1684, folio 96r, 096v
Diese Daten wurden zuletzt vom Quelleninhaber auf 17. November 2015 aktualisiert und erstmals auf Open Archives auf 7. Juli 2016 veröffentlicht.
Finden Sie Ihre Vorfahren und veröffentlichen Sie Ihren Stammbaum auf Genealogie Online über https://www.genealogieonline.nl/de/
Vielen Dank, Ihr Kommentar wurde gespeichert.